Boekgegevens
Titel: Voedsel voor het kinderlijk verstand en hart: een nieuw geschenk voor de jeugd
Auteur: Löhr, Johann Andreas Christian
Uitgave: Leyden: D. Du Mortier en zoon, 1827-1832
2e en verb. dr; Oorspr. uitg.: 1805
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: 678 E 8
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_203188
Onderwerp: Pedagogiek: terreinen van opvoeding: algemeen
Trefwoord: Algemene ontwikkeling, Leermiddelen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Voedsel voor het kinderlijk verstand en hart: een nieuw geschenk voor de jeugd
Vorige scan Volgende scanScanned page
ass gehoorzaamheid
„ geen kon^ntje?" — „ Ach, jal ach, ja!
riep arend, „ dat wil ik hem brengen! "
Arend nam zijn konijntje; hij ftreelde het
liij kuste het. „ Gij lief dier!" zeide hij, ei
drukte het aan zgn hart, „ ik moet u wég
„ geven; anders moet ik immers ondankbaa
y, wezen." Hij bragt het konqnfje weg.
Wat?" zeide de Heer, naar wien hij he
henenbragt; „ brengt gij mq uw konijntje, uwei
„ eenigen fpeelkameraad ? Gq zijt wel eer
„ dankbaar kind — dat verheugt mij zeer!'
De Heer nam het konijntje aan; en arene
ging vergenoegd weder naar huis. Zekerlijl
uas het konijntje hem zeer lief: maar hel
was hem nog liever, dat hij zqne dankbaarheid
had kunnen toonen.
Na twee dagen kwam arend met zqnen va-
der, die hem toen naar den tuin, waarin hij
Werkte, had inedegenomen, des avonds weder
te huis. Zoo als hij binnen 'de deur trad,
fprong zijn lief konijntje hem vrolijk te gemoet,
en, niet ver van hetzelve, zat nog een ander,
dat eenigzins fchroomachtig fcheen. O dat
was eene vreugde! — „ Maarten!" riep
AREND, „ lieve maarten! waar komt gij toch
j, van daan?" en hij drukte het dier aan zij-
nen mond, en kuste het. — Het kwam van
den goeden Heer, die er hem nog een ander,
zeer