Boekgegevens
Titel: Voedsel voor het kinderlijk verstand en hart: een nieuw geschenk voor de jeugd
Auteur: Löhr, Johann Andreas Christian
Uitgave: Leyden: D. Du Mortier en zoon, 1827-1832
2e en verb. dr; Oorspr. uitg.: 1805
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: 678 E 8
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_203188
Onderwerp: Pedagogiek: terreinen van opvoeding: algemeen
Trefwoord: Algemene ontwikkeling, Leermiddelen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Voedsel voor het kinderlijk verstand en hart: een nieuw geschenk voor de jeugd
Vorige scan Volgende scanScanned page
goedheid, enz. « 9
ziek mogen worden, moeten zij fomwijlen dan-
fen; en wanneer zij flechts eenige onwilligheid
daartoe betoonen, worden zij met zweepflagen
tot danfen gedwongen. Er ftaat altijd iemand
met eene zweep bij, om toe te zien. Ook
noodzaakt men hen tot zingen: maar wat kan men
van hen anders verwachten dan klaagzangen?
Daar die menfchen zoo digt op een gepakt
zijn, daar men hun geen gezond voedfel geeft,
en de lucht in hunne hokken zoo verpest is, dat
men, vooral wanneer het weder zeer heet is,
daarin bijkans ftikken moet, worden er zekerlijk
zeer velen ziek, en bevrijdt de dood velen
van alle verder lijden. De kranken moeten op
bloote houten britfen liggen, waar de geftadige
beweging van het fchip hun de huid en zelfs het
vleesch van den rug, de fchouders, ellebogen
en heupen affchuurt. Geene pleifters baten hun
daartegen iets ter wereld. Voornamelijk is de
roode loop onder hen zeer algemeen. Dan liggen
de arme mannen, vrouwen en kinderen in drek en
bloed,hetwelk niet altijd opgeruimd kan worden,
al dringt men ook nog zoo zeer aan op de noo-
dige reiniging. Eiken morgen vindt men eenige
dooden, en onder de mannen dikwijls een' doo-
den en een' levenden , aan een gekluisterd. Ge-
meenlijk fterven er zoo velen, dat er flechts de
helft der flaven overblijft, wanneer een fchip zij-
A 5 ne