Boekgegevens
Titel: Voedsel voor het kinderlijk verstand en hart: een nieuw geschenk voor de jeugd
Auteur: Löhr, Johann Andreas Christian
Uitgave: Leyden: D. Du Mortier en zoon, 1827-1832
2e en verb. dr; Oorspr. uitg.: 1805
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: 678 E 8
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_203188
Onderwerp: Pedagogiek: terreinen van opvoeding: algemeen
Trefwoord: Algemene ontwikkeling, Leermiddelen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Voedsel voor het kinderlijk verstand en hart: een nieuw geschenk voor de jeugd
Vorige scan Volgende scanScanned page
O WAAR, OF ONWAAR.
20. Een raaf ontmoette een* vetten hamel,
en voerde hem met zich in de lucht weg, om
dien roof op een' boom te verflinden.
21. Een mensch zonder voeten liep op twee
houten beenen, die een moedwillige knaap hem
ontnam. Ijlings liep hq dien knaap achterna,
en tuchtigde hem voor zijne baldadigheid.
22. Ongelukkig had iemand zqne beide han-
den verloren. Toen fchreef hij aan zijnen broe-
der, dat die toch bij hem komen, en hem
onderfteunen mogt.
23. Zeker iemand had zulk een fcherp gebit,
dat hij in een' harden keifteen, even als in een'
appel, bijten kon, zoodat men het indrukfel
der tanden kon zien,
24. Een vleeschhouwer van een klein plaatsje
had zeer weinig aftrek van vleesch; daarom
nam hij voor, dat hij in het vervolg telkens
flechts een' halven os Aagten zou.
25. Zeker mensch had geen geld meer, om
in de flad zijner woning een huis te huren;
maar hij wist zich te redden, en kocht een
huis.
26. Iemand wenschte eens te weten, hoe de
zon het toch maakte, daar zij telkens aan den-
zelfden kant opkwam, maar evenwel aan de
tegenoverftaande zijde onderging. Een ander ver-
klaarde hem zulks. „ Des nachts," zeide hij,
„ loopt