Boekgegevens
Titel: Voedsel voor het kinderlijk verstand en hart: een nieuw geschenk voor de jeugd
Auteur: Löhr, Johann Andreas Christian
Uitgave: Leyden: D. Du Mortier en zoon, 1827-1832
2e en verb. dr; Oorspr. uitg.: 1805
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: 678 E 8
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_203188
Onderwerp: Pedagogiek: terreinen van opvoeding: algemeen
Trefwoord: Algemene ontwikkeling, Leermiddelen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Voedsel voor het kinderlijk verstand en hart: een nieuw geschenk voor de jeugd
Vorige scan Volgende scanScanned page
174 verklaring van woorden."
raderen gehuurd, dat doör eenige menfchen
voortgetroklcen werd, en in de ftad, alwaar hij
zich bevond, zeer gebruikelijk was. De man wil-
de er gaarne fpoedig zqn. Terwijl h^ in dat
voertuig zat, dacht hij aan het een en ander,
en vergat intusfchen, waar hij was; nogtans
merkte hq, dat het zeer langzaam voortging;
midden in zqne diepe gedachten, fprong hij uit
het voertuig, en begon hetzelve van achteren
voort te fchuiven. Niet voor dat het vuil hem
in de fchoenen liep, bemerkte hij duidelqk wat
hq deed. „ Mijn God! wat voer ik toch
„ uit?" riep hij toen. Deze man was met zij-
nen geest afwezig, en niet volkomen en naauw-
keurig bewust van hetgene hQ deed.
Sofie zat aan haar breidwerk, en was druk
bezig. Onder het breiden dacht zij er aan, hoe
aangenaam het zijn zou, als zij eens bij haren
neef was, waarheen haar vader eerlang met haar
had beloofd te reizen. Zij dacht aan den fchoo-
ren tuin, aan de fraaije bloemen, aan de koeijen
en fchapen in den ftal, aan den kleinen vqver
met eenden en ganzen, aan de groen belommer-
de tuinpaden, waarin zq met willem, het zoon-
tje van haren neef, wandelen, en waarin zij kie-
keboe fpelen wildé. — Na een' geruimen tijd ont-
waakte zij uit hare gedachten, en zeide: „ Moe-
y, dep! geef mij mijne boterham." — „ Gij hebt
„ die