Boekgegevens
Titel: Voedsel voor het kinderlijk verstand en hart: een nieuw geschenk voor de jeugd
Auteur: Löhr, Johann Andreas Christian
Uitgave: Leyden: D. Du Mortier en zoon, 1827-1832
2e en verb. dr; Oorspr. uitg.: 1805
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: 678 E 8
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_203188
Onderwerp: Pedagogiek: terreinen van opvoeding: algemeen
Trefwoord: Algemene ontwikkeling, Leermiddelen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Voedsel voor het kinderlijk verstand en hart: een nieuw geschenk voor de jeugd
Vorige scan Volgende scanScanned page
VERHALEN. II?
19.
Meester kristoffel vroeg, bij al wat hij
deed, (leeds vooraf: „ wat zullen de menfchen
„ er van zeggen?" Als hij nu iets voorhad,
dat zeer goed en nuttig was, maar vreesde, dat
de menfchen het ten kwade zouden duiden, dan
liet hij het na. Dus nam hg eenen naastbe*
ftaanden, die van alle vrienden en magen ver-
laten was, niet tot zich, omdat de menfchen
denken konden, dat hij het flechts deed, om
van hem te erven; en de arme man verging bg-
kans in zijne ellende. Op eene foortgelijke wij-
ze handelde hij met vele andere dingen. Uit
dien hoofde liet meester kristoffel veel goeds
na, dat hij anders wel zou hebben gedaan; en
hij werd deswege evenwel door velen gelaakt.
„El! wat raken mij de menfclien?" zeide
zijn buurman, meester maarten ; „ wie kan
„ het allen menfchen van pas maken ?" Ht|
deed derhalve, wat hem behaagde, zonder zich
te bekommeren , of anderen wel of kwalijk daar-
over zouden oordeelen. Het gevolg hiervan
was, dat velen hem voor een' dwaas , en velen
wederom hem voor een flecht mensch hiel-
den. Toen hij nu eenmaal in het geval kwam,
dat hij geld noodig had, wilde niemand hem iets
leenen, dewijl niemand een goed vertrouwen op
f' hem