Boekgegevens
Titel: Voedsel voor het kinderlijk verstand en hart: een nieuw geschenk voor de jeugd
Auteur: Löhr, Johann Andreas Christian
Uitgave: Leyden: D. Du Mortier en zoon, 1827-1832
2e en verb. dr; Oorspr. uitg.: 1805
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: 678 E 8
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_203188
Onderwerp: Pedagogiek: terreinen van opvoeding: algemeen
Trefwoord: Algemene ontwikkeling, Leermiddelen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Voedsel voor het kinderlijk verstand en hart: een nieuw geschenk voor de jeugd
Vorige scan Volgende scanScanned page
94 fabelen.-
t
20. Dc vos en de raaf.
„ Selderemeni, welk een heerlqke vogel is
„ dat!" zeide een vos, terwijl hij op ique ach-
terfle pooten ging ftaan, en eene jaaf ftrak aan-
zag, die boven op een' boom zat, en 'een kaasje
in den fravel had. „ Welk een heerlijke vogel
„ is dat! welk eene grootfche geftalte! welke
„ blinkende, prachtige véren! waarlqk, dat is
„ de koning der vogelen ! Maar hij geeft immers
„ geen geluid van zich, wat zou het jammer
„ wezen, als zulk een fchoon dier geen ftem
„had!"
De raaf had met veel genoegen de valfche lof-
tuitingen van den vos aangehoord. Nu wilde
hij dien vleijer toonen, dat hem geene flsm
ontbrak, en krijschte uit al zijne magt. Toen
viel hem de kaas uit den fnavel, de vos nam
dezelve op, en zeide, die opetende: „ gg
„ dwaas! ik kende u zeer wel, maar het
„ was op uw kaasje gemunt."
21. De vos en het vledermuisje.
De vos. 'k Zag nooit een vledermuis, zoo fraai
van leest als gij. -
Kom toch, opdat ik u befchouvv, wat pader bij!
Het