Boekgegevens
Titel: Het kind in zijne eerste levensjaren: wenken voor ouders
Serie: Werken der Maatschappij tot nut van 't algemeen, 5:6
Auteur: Allebé, Gerardus Arnoldus Nicolaus
Uitgave: Leiden: D. du Mortier & Zoon, 1853
Maatschappij: Tot Nut van 't Algemeen
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: IWO 655 D 51
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_203153
Onderwerp: Pedagogiek: opvoedingspraktijk
Trefwoord: Opvoedingsondersteuning
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Het kind in zijne eerste levensjaren: wenken voor ouders
Vorige scan Volgende scanScanned page
— 51 —
ontroeringen des geinoeds zal liet voldoende zijn, een paar
uren te laten voorbijgaan, eer bet kind de borst krijgt;
na zulk een tijdsverloop zal bet zog zeker onschadelijk
wezen.
Voorts behoort iedere zogende vrouw voor oogen te hou-
den , dat de gezondheid van haren zuigeling afhangt van
haar' eigen' gezondheidstoestand; want de zuigeling kan
niet gezond zijn, ten zij hij gezond voedsel ontvange en
gezond voedsel kan hij alleenlijk van eene gezonde voed-
ster verkrijgen. De zogende moet dus, ter Aville van
haar kind, oplettend zijn op hare eigene gezondheid,
ja zich meer in acht nemen, dan zij op andere tijden
gewoon is te doen. Deze aanbeveling geldt vooral ten op-
zigte van de spijzen cn dranken, welke zij gebruikt. Al
aanstonds moet ik hier waarschuwen tegen een vooroor-
deel, dat nog vrij algemeen is. - Velen meenen, dat eene
vrouw, zoo lang zij zoogt, maar hoe meer hoe beter eten
en drinken moet. Onwaar! Alleen datgene, wat behoor-
lijk door de voedster verteerd wordt, kan gezond zog leve-
ren , en men moet niet denken, dat eene vrouw, omdat
zij zoogt, gewaarboi'gd is tegen overlading van de maag.
't Is waar, de zogende vrouw mag zich rijkelijk voeden,
mag wat meer drinken dan anders (trouwens zij doet dat
meestal van zelf), maar wanneer zij zóóveel gebruikt, dat
zij zwaarte in de maagstreek voelt en den eetlust verliest,
zal zij minder en minder goed zog hebben. De algemeene
regel is alzoo, dat de zogende niet meer spijs en drank
gebruike, dan zij met gemak verteren kan. Wat nu de
keuze der spijzen en dranken betreft, zoo geldt het volgende
voorschrift: gelijk eene vrouw, zwanger geworden, zich mag
blijven houden aan dezelfde spijzen en dranken, waaraan
zij gewoon is, en waarbij zij zich vroeger altijd wèl heeft
bevonden, zoo mag zij ook, zoo lang zij zoogt^ datgene blij-
ven "voortgebruiken y wat zij bij ondervinding weet haar
goed te bekomen. Ofschoon de soorten van voedsel uit het
plantenrijk bij de zogende vrouwen op den voorgrond die-
nen te staan, is het toch ook zeer wenschelijk, zoo al niet
volstrekt noodzakelijk, dat iedere zogende vleeschspijs nut-
tige; wanneer eene zogende eens niet zooveel vleeschspijs