Boekgegevens
Titel: Het kind in zijne eerste levensjaren: wenken voor ouders
Serie: Werken der Maatschappij tot nut van 't algemeen, 5:6
Auteur: Allebé, Gerardus Arnoldus Nicolaus
Uitgave: Leiden: D. du Mortier & Zoon, 1853
Maatschappij: Tot Nut van 't Algemeen
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: IWO 655 D 51
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_203153
Onderwerp: Pedagogiek: opvoedingspraktijk
Trefwoord: Opvoedingsondersteuning
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Het kind in zijne eerste levensjaren: wenken voor ouders
Vorige scan Volgende scanScanned page
— 13 -
"wat is opvoeden? wat al te onnoozel, zoo vraag ik nu: welk
"doel stelt gij u voor bij het opvoeden?"
"Ik voor mij," riep het vrouwtje van den Onderwijzer, ter-
wijl haar blik met onuitsprekelijke liefde op haren zuigeling
rustte, "ik kom er rond voor uit: voor 't oogenblik denk ik
"aan niets anders dan aan mijn dierbaar kind in 't leven te
"houden en mij te verheugen in zijn bezit "
"Neen, ik denk verder," zei de Postmeesteres, "mijn
"doel is, dat mijne kinderen, als zij groot geworden zijn, goed
"hun brood zullen kunnen verdienen, en daarom laten
"mijn man en ik ze zooveel mogelijk alles leeren, wat
"hun naderhand te pas kan komen."
"En ik," sprak de vrouw van den Kruidenier, "ik beken
"mijn zwak. Gij weet wij hebben het juist niet slecht in
"de wereld; maar mijn man doet een' winkel, en ik zou
"gaarne zien, dat mijne kinderen het w at verder bragten
"en wat meer in aanzien kwamen."
"Wat mij betreft," zei de vrouw van den Aannemer,
"ik leg het daarop toe, dat mijne kinderen godsdienstige
"en brave mensclien worden, want de vreeze des Ileeren
"is het voornaamste."
"Gij hebt gelijk. Jufvrouw waldriN'k!" sprak valken-
huize, "gij liebt gelijk. Godsvrucht en deugd is het voor-
"naamste; doch zeg mij eens: gesteld, iemand brengt zijne
"kinderen op tot vroomheid en braafheid, maar verzuimt
"hen te laten onderwijzen in nutte kundigheden, en draagt
"ook geen zorg voor de ontwikkeling van hun ligchaam,
"zoudt ge meenen, dat zoo iemand het doel van de op-
"voeding naar behooren bereikt? Neen, zeker! Gij ziet
"dus zelve, dat aan uw antwoord — dat in de lioofd-
"zaak juist is — toch nog iets ontbreekt."
"Welnu!" zei de vrouw van den Postmeester, wie dat
gedurige vragen niet beviel, "beantwoord uwe vraag dan
"maar zelf."
Valkenhuize hervatte: "Het doel van de opvoeding kan
"geen ander wezen dan het doel van het leven, en het
"doel van 't menschelijk leven is te streven naar volmaakt-
"heid. Immers de Zaligmaker heeft gezegd: Wordt vol-
"maakt, gelijk uw Vader in den hemel volmaakt is.