Boekgegevens
Titel: Het kind in zijne eerste levensjaren: wenken voor ouders
Serie: Werken der Maatschappij tot nut van 't algemeen, 5:6
Auteur: Allebé, Gerardus Arnoldus Nicolaus
Uitgave: Leiden: D. du Mortier & Zoon, 1853
Maatschappij: Tot Nut van 't Algemeen
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: IWO 655 D 51
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_203153
Onderwerp: Pedagogiek: opvoedingspraktijk
Trefwoord: Opvoedingsondersteuning
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Het kind in zijne eerste levensjaren: wenken voor ouders
Vorige scan Volgende scanScanned page
— 10 -
"veel meer verminderen, zoo alle vrouwen, gelijk onze
"klara bereid is te doen, naar welgemeenden en verslan-
"digen raad luisteren willen."
JuU'rouw VAS DER TERP was niet in staat de redenen
van den Doctor te weerleggen; maar eene meening te laten
varen, zoo vele jaren door haar aangekleefd. . . neen! dat
niet. "En ik hou staande," riep zij, "dat al die wijsheid
"de moeders maar in tweestrijd brengt, en dat de mannen
"best doen met voor de broodwinning te zorgen en den
"neus niet te steken in 't geen hen niet aangaat,"
Den Doctor begon het bloed naar 't hoofd te stijgen;
maar hij bedwong zich nog. "Mag ik vragen, Juffrouw!
"of gij zelve ook kinderen gehad hebt?" — (Hij Avist het zeer
goed.)
"Wel ja, vijf." —
"En hebt ge 't geluk gehad ze allen te mogen behou-
"den?" —
"Helaas, neen! Van de vijf heb ik er drie moeten mis-
"sen; een op zijn zevende jaar aan de kinderziekte, en de
"tAvee andere a óór hun derde jaar aan klieren in den buik." —
"En hadt ge die tAvee zelve gezoogd ?" —
"Daar AAas geen denken aan. Mijn man had het in zijn'
"drukken Avinkel zoo volhandig, dat ik hem alle oogen-
"blikken moest komen helpen. Ik had dus den tijd niet
"om mijne kinderen te zogen. Ik zelve Avas — ik hoor
"het mijne moeder nog vertellen — met meelbrij groot-
"gebi-agt en zoo deed ik op mijne beurt ook."
"Welnu! ik" — hier boi-st de Doctor los — "ik zeg u,
"dat uAve drie kinderen niet vroeg gestorven zouden zijn,
"zoo gij gebruik gemaakt hadt van de koepokinenting, ge-
"lijk ge hadt kunnen doen, en zoo ge (gelijk iedere regt-
"schapen moeder behoort te doen) uAve kinderen gezoogd
"hadt. Met die meelpap hebt ge hun de kliertering op 't
"lijf gejaagd. Uav eigen verhaal bewijst, dat men zijne kin-
"deren a erliest, als men eigenwijs is en het betere van zich
"stoot om de oude sleur te volgen. Maar ik beklaag u
"niet: gij verdiendet niet met kinderen gezegend te zijn."
JuffrouAV VAN DER TERP Avas Avoedend; in hare verbol-
genheid Avist zij geene Avoorden te vinden. "En ik," zoo