Boekgegevens
Titel: Het kind in zijne eerste levensjaren: wenken voor ouders
Serie: Werken der Maatschappij tot nut van 't algemeen, 5:6
Auteur: Allebé, Gerardus Arnoldus Nicolaus
Uitgave: Leiden: D. du Mortier & Zoon, 1853
Maatschappij: Tot Nut van 't Algemeen
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: IWO 655 D 51
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_203153
Onderwerp: Pedagogiek: opvoedingspraktijk
Trefwoord: Opvoedingsondersteuning
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Het kind in zijne eerste levensjaren: wenken voor ouders
Vorige scan Volgende scanScanned page
vragen; maar zij meende toch, dat liet, in een geval als
dit, nooit kwaad zou kunnen met mensclien te rade te
gaan, die meer weten en dieper doorzigt lieLben dan hare
moeder en zij zelve, en vooral met zulke mensclien, wier
beroep meebrengt, dat zij verstand moeten hebben van op-
voeden.
"Ik hou het daai'voor," hervatte Juffrouw van der terp,
"dat eene moeder verantwoord is, wanneer zij hare kin-
"deren grootbrengt op dezelfde wijs als zij zelve is groot
"gebragt."
"En ik niet," zei de Doctor, "ik ben wel degelijk over-
"tLiigd, dat iedere moeder trachten moet haar kind groot
"te brengen op eene betere wijs dan zij zelve is opgevoed.
"Om alleen te spreken over datgene, waarmeê ik van
"nabij bekend ben, de kunst om jonge kinderen behoorlijk
"te verzorgen en op te kweeken, de kunst om te maken,
"dat zij reeds in de eerste levensjaren welvarend en krach-
"tig worden, die kunst heeft in de laatste halve eeuw zulke
"groote vorderingen gemaakt, dat eene moeder aan hare
"verpligtingen te kort doet, wanneer zij verzuimt hare kin-
"deren in die verbeterde wijze van opvoeden te doen
"deelen."
Juffrouw VAN DER TERP bleef hierop het antwoord niet
schuldig. "Ik geef toe," sprak zij, "dat gij, mannen! verstand
"kunt hebben van het opvoeden van grooter kinderen,
"maar hoe men ze in de allereerste levensjaren behandelen
"moet, dat moest gij aan de vrouwen overlaten. W ij lee-
"ren dat best door ondervinding of door den raad te vol-
"gen van andere vrouwen, die veel met kleine kinderen
"hebben omgegaan."
"Wat de vrouwen in het stuk van opvoeden ondervin-
"ding plegen te noemen," hernam Dr. westers, "beduidt,
"op de keper beschouwd, meestal niet veel. Als eene moe-
"der eenige kinderen heeft grootgebragt, gaat zij door voor
"eene vrouw van ondervinding; maar zoo de wichten niet
"onder hare wijze van behandelen bezweken zijn, bewijst
"zulks dan, dat zij hare kinderen op de beste, de meest
"doeltreffende wijs heeft opgekweekt?"
"Er zou wat fraais van worden," viel Juffrouw VAN der