Boekgegevens
Titel: Het kind in zijne eerste levensjaren: wenken voor ouders
Serie: Werken der Maatschappij tot nut van 't algemeen, 5:6
Auteur: Allebé, Gerardus Arnoldus Nicolaus
Uitgave: Leiden: D. du Mortier & Zoon, 1853
Maatschappij: Tot Nut van 't Algemeen
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: IWO 655 D 51
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_203153
Onderwerp: Pedagogiek: opvoedingspraktijk
Trefwoord: Opvoedingsondersteuning
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Het kind in zijne eerste levensjaren: wenken voor ouders
Vorige scan Volgende scanScanned page
— 160 --
meer en meer verontreinigd zou worden, en wel voor-
namelijk, omdat juist dat gedeelte van de dampkringslucht,
waarvan de mensch eigenlijk leeft, de zoogenaamde zuur-
stoflucht, meer en meer zou gaan ontbreken. Vandaar de
noodzakelijkheid om, door dagelijks openen van deuren
en vensters, voor luchtzuivering en luchtverversching te
zorgen. IMaar soms is luchtverversching niet voldoende.
Het huis kan opgetrokken zijn op ongezonden grond (uit
die oorzaak ziet men soms onder de bewoners verderfelijke
ziekten ontstaan); het kan slecht gebouwd wezen, zoodat
de muren vocht uit den grond opzuigen en het aan de lucht
in het huis meèdeelen; de woning kan van binnen te
donker zijn (licht is voor de gezondheid van den mensch
even zoowel noodzakelijk als lucht); zij kan zóó gebouwd
wezen, dat genoegzame luchtverversching onmogelijk is;
reten of scheuren in de muren kunnen regen of wind naar
binnen laten; het huis kan gelegen zijn in de nabijheid
van stilstaand water, dat schadelijke dampen opgeeft; hel
kan ongezond wezen, doordien er niet gezorgd is voor
behoorlijken afloop van het vuile water en van de andere
onreinheden, uit elke huishouding noodzakelijkerwijs voort-
komende. Nu valt niel te ontkennen, dat een volwassen
mensch langzamerhand aan den nadeeligen invloed van
een minder gezond huis kan gewoon raken, en daarin zoo
tamelijk welvarend, ten minste zonder hevige ziekten kan
voortleven. Maar met kinderen staat de zaak anders. Kinde-
ren zijn veel vatbaarder en ontvankelijker; bij hen moet
de ligchaamskraclit, en daarmee het vermogen, om aan ver-
derfelijken invloed weerstand te bieden, nog eerst verkre-
gen worden. Bij kinderen wordt, door eene ongezonde
woning, de levenskracht, om zoo te spreken, in hare kieni
ondermijnd, zoodat eens en voor altijd alle kans, oni regt
stevig en duurzaam gezond te orden, voor het arme
wicht vei'keken is. I/i een ongezond {'erblijf krachtige
kinderen te kweeken, kan niemand. Ik weet wel, niet
ieder gezin kan zoo maar terstond eene woning hebben,
die aan al de vereischten der gezondheidsleer voldoet,
en het is ook waar, dat menig huis in ons Land, door
vlijtiger luchten, door herstellingen aan de vochtige nmren,