Boekgegevens
Titel: Het kind in zijne eerste levensjaren: wenken voor ouders
Serie: Werken der Maatschappij tot nut van 't algemeen, 5:6
Auteur: Allebé, Gerardus Arnoldus Nicolaus
Uitgave: Leiden: D. du Mortier & Zoon, 1853
Maatschappij: Tot Nut van 't Algemeen
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: IWO 655 D 51
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_203153
Onderwerp: Pedagogiek: opvoedingspraktijk
Trefwoord: Opvoedingsondersteuning
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Het kind in zijne eerste levensjaren: wenken voor ouders
Vorige scan Volgende scanScanned page
— 159 --
nooit, zij verbitteren, zij boezemen afkeer in van hem,
die straft, maar niet van het kwaad zelf; zij wekken vrees
voor de ontdekking der overtreding en voor de pijnlijke
gevolgen dier ontdekking, en leeren alzoo het begane
kwaad verbergen; zij leeren huichelen en liegen om de
gevreesde straf te ontduiken.
XXIV.
DE WONING. HET HUISRAAD. SLAPEN EN WAKEN.
IIET KINDERBED.
Doctor westers sprak Lij eene volgende gelegenheid in
de Bewaarschool aldus:
Gij hebt vernomen, moeders! dat van alles, wat het
kind omringt, niets onverschillig is voor de meer of min-
der voorspoedige ontwikkeling van zijn ligchaam.
Zoo heeft ook het huis, waarin het met de ouders woont,
een' veel grooteren invloed dan de meesten denken. De
mensch leeft in de lucht, die hem omgeeft (in den damp-
kring); gestadig lucht in te ademen is voor zijn levens-
onderhoud onmisbaar. Het huis sluit een gedeelte van
den dampkring voor 's menschen gebruik af; in dat af-
gesloten gedeelte is hij beveiligd tegen de ruwheid van het
luchtgestel. Maar door onze uitademing en uitwaseming,
door het branden van vuur en licht, cn ook door andere
oorzaken, wordt de lucht in de huizen onbemerkt al meer
en meer onzuiver, en al minder en minder geschikt om
door de ademhaling het leven van de bewoners te onder-
houden. In eene kamer, zonder open' schoorsteen, en
waarvan deur en vensters aanhoudend gesloten Lieven,
zou op den duur geen licht kunnen blijven branden en
geen mensch in 't leven kunnen blijven. Waarom? Omdat
de lucht in zulke kamers, door schadelijke inmengsels, al