Boekgegevens
Titel: Het kind in zijne eerste levensjaren: wenken voor ouders
Serie: Werken der Maatschappij tot nut van 't algemeen, 5:6
Auteur: Allebé, Gerardus Arnoldus Nicolaus
Uitgave: Leiden: D. du Mortier & Zoon, 1853
Maatschappij: Tot Nut van 't Algemeen
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: IWO 655 D 51
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_203153
Onderwerp: Pedagogiek: opvoedingspraktijk
Trefwoord: Opvoedingsondersteuning
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Het kind in zijne eerste levensjaren: wenken voor ouders
Vorige scan Volgende scanScanned page
— 157 --
iMisscliien klinkt het u vreemd, lezeres! dat klara ge-
brek aan zachtmoedigheid bij de ouders als eene van de
oorzaken beschouwde, waarom de kinderen dikwijls moeije-
lijk tot gehoorzaamheid te brengen zijn. Wat zal men
met zachtmoedigheid uitrigten, waar bedreiging en zelfs
straf het doel niet bereikt? Eilieve, ga eens onder uwe
kennissen na, welke ouders de gehoorzaamste kinderen
liebben, zij, die hun kroost met zachtmoedige bedaard-
lieid besturen, of zij, die altijd den mond vol hebben van
driftige bevelen en bedreiging? 't Is onloochenbaar, dat
zachtmoedigheid, mits gepaard aan vastheid, duizendmaal
meer op de kinderen vermag, dan onstuimigheid en getier.
Meen toch niet, dal zachtmoedigheid en vastheid elkan-
der uitsluiten; het tegendeel is waar: zij kunnen best te
zamen gaan. Opbruisende onstuimigheid is dikwijls hel
bewijs van zwakheid van karakter. Menschen, die bij
iederen tegenstand als buskruid ojivliegen, blijven zelden
zich zeiven lang gelijk. Nu is zich zeiven altijd gelijk te
blijven juist het ware middel om weerspannige kleinen lot
onderwerping le brengen: tegen drift weten zij drift of
hoofdigheid tegenover te stellen; maar tegen bedaarde vast-
heid hebben zij geen wapen. Zoo het gedrag der ouders
genegenheid en achting inboezemt, en zoo zij nooit afwij-
ken van het eenmaal uitgesproken woord, kunnen zij met
zachtmoedigheid alles van hunne kinderen gedaan krijgen.
Met hevig tieren en razen rigl men op den duur zeer wei-
nig uit. De kleinen, hoe eenvoudig in de meeste opzig-
ten, zijn zeer slim om de inborst der ouders le door-
gronden. Twee-, driemaal worden zij bevreesd, maar zij be-
merken spoedig, dat die booze bedreigingen toch niet ver-
vuld worden; zij laten daarom de onweersbui voorbijdrijven
en doen naderhand wat hun verboden was. En krijgen
de oudei-s door dreigementen hun' zin, gehoorzaamheid,
enkel uit vrees ontstaande, is goed om een' hond af te
riglen, maar niet om een menschelijk wezen menschelijk
op te voeden. Daarom, moeders! weest zachtmoedig, maar
weest ferm. Als uw kind eenmaal overtuigd is, dat, hoe
hartslogtelijk het zich ook verzette, uw neen altijd neen
blijft, kimt gij zeker zijn , dat het weldra de moeite van