Boekgegevens
Titel: Het kind in zijne eerste levensjaren: wenken voor ouders
Serie: Werken der Maatschappij tot nut van 't algemeen, 5:6
Auteur: Allebé, Gerardus Arnoldus Nicolaus
Uitgave: Leiden: D. du Mortier & Zoon, 1853
Maatschappij: Tot Nut van 't Algemeen
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: IWO 655 D 51
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_203153
Onderwerp: Pedagogiek: opvoedingspraktijk
Trefwoord: Opvoedingsondersteuning
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Het kind in zijne eerste levensjaren: wenken voor ouders
Vorige scan Volgende scanScanned page
— 127 --
mv kind worden opgewekt. Bedenkt dat, vrouwen! en
waakt.
Gij weet nu, wat de kinderen niet drinken moeten,
wat zij wel drinken mogen, kunt gij ligt raden.
Er zijn twee soorten van drank, die aan kinderen over-
lieerlijk bekomen; de eene is melk, de andere is water.
Over de eerste meen ik reeds genoeg gezegd te hebben.
Onthoudt vooral, dat een ruim gebruik van goede, liefst
versche, koemelk als drank des te noodiger is, naar mate
de kinderen minder vleeschspijs kunnen bekomen.
En wat het water betreft, o het is een aUervoortrefl'e-
lijkste drank voor jong en oud. Het geeft zuiver bloed,
blozende wangen en een onbeneveld verstand; het ver-
meerdert den eetlust, maakt maag en ingewanden sterk, en,
wat bij al die goede hoedanigheden ook niet onverschillig
is, men heefl dien kostelijksten aller dranken bijna overal
voor niets. Wie eenige malen daags koffij of thee drinkt,
moet geld uitgeven om ze te koopen, en kostbai-e oogen-
blikken besteden of doen besteden om ze klaar te maken,
maar wie liever naar de watercaraf grijpt, is, als hij doi\st
heeft, oogenblikkelijk bediend, spaart geld, dat hij nutti-
ger gebruiken kan, en bevoordeelt op den duur zijne ge-
zondheid nog meer dan zijne beurs.
't Spreekt van zelf, dat men stellig zeker moet weten,
dat het drinkwater, 't welk men voor zich en de zijnen
gebruikt, van goede hoedanigheid is. (lelijk het zuivere en
goede drinkwater de bron is van gezondheid en kracht, zoo
is slecht drinkwater menigmaal de bron van ziekte en dood.
II. Wij zouden in de tweede plaats te zamen nagaan,
hoeveel de kinderen eten moeten.
Er zijn ouders, die hunne kinderen, voornamelijk dc
jongere, met eten overladen, cn, als 't ware, volprop-
pen; andere geven hun, uit overdrevene voorzigtigheid,
te weinig. Zoekt gij den middelweg. Maar, zult gij zeg-
gen, 't is juist hier, dat de schoen wringt; uit welke tee-
kenen kan men ontdekken, dat het kind genoeg en niet
te veel krijgt? Ik zal 't u zeggen, moeders! Van gezonde
en eenvoudige spijzen eten de kleinen, als zij niet reeds
verwend zijn, in den regel, niet meer dan hun dienstig