Boekgegevens
Titel: Vijftigtal verhalen over het nut van de voortbrengselen der natuur: een leesboek voor de scholen
Auteur: Keyzer, J. de
Uitgave: Amsterdam: Ten Brink en De Vries, 1852
J. de Vries en zoon
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: 2761 G 13
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_203150
Onderwerp: Landbouwwetenschappen: landbouwwetenschappen: algemeen
Trefwoord: Landbouwproducten, Veeteelt, Dieren, Planten, Kinderverhalen (teksten)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Vijftigtal verhalen over het nut van de voortbrengselen der natuur: een leesboek voor de scholen
Vorige scan Volgende scanScanned page
48
tlcii loop vcrsclieen. Dal zij in deze bezigheid veel ge-
noegen vond, sprcekl van zelf; maar voornamelijk was
zidks het geval met de kiekens, de jongen van eene
der hennen, welke kleine vlugge diertjes los in den
tuin liepen, haar overal nahuppelden en uil hare hand alen.
tWat is onze lieve Heer toch goed geweest," zeide
zij bij deze gelegenheid legen hare moeder, tdat Hij
ons niet enkel schenkt, wal wij noodig hebben, om
ons leven te onderhouden, maar tevens, wat strekken
kan, om ons genoegen le verschaffen. Ik zou die lieve
dieren voor geen geld missen."
»Laat ons liever zeggen," antwoordde de moeder,
dat Gods goedheid bijzonderlijk daarin zigtbaar is, dat
Hij de dingen zoodanig vormde, dat zij ons le gelij-
kertijd nut eu genoegen kunnen aanbrengen. Zulks ziet
men duidelijk in de kippen. Welk vermaak zij ver-
schaffen, ondervindt gij dagelijks en zelfs heden. En
nu hare nuttigheid ? De mest dient tot bewerking en
bereiding van sommige landerijen; hare eijeren maken
een gezond en versterkend voedsel nil; en, strekken
(le dojers er van in zeker opzigt tot een geneesmiddel,
het wil, daarentegen, wordt in ondersciieidene Jfabrie-
ken gebezigd; zelfs worden de schalen niet altijd als
onnut verworpen, maar gebruikt. Dood zijnde, ver-
strekt het vleesch der kippen mede lot eene gezonde,
smakelijke'en , ook voor zieken,'tot eene vcrsterkendo
spijs; cn de vederen, waarvan de grootste wei tot'schrijf-
pennen dienen, bezigt men lot hel vervaardigen van
pluimen, lot het vullen van bedden enz. — Nul en
genoegen brengen de kippen ons dus aan; mogten wij,
menschen, daarin steeds naar haar gelijken, hoe geluk-
kig zouden wij ous dan reeds op deze aarde gevoelen."
Vragen: i. IVaarin blijkt Gods goedheid ten aanzien drr
menschen in het vormen dér dingen'? — 2. Welk nut Iremjcn
de hippen, levend en dood,- ons aan? — 3. Waarin moeten
wij haar trachten na te volgen, en waarom?