Boekgegevens
Titel: Meetkundig rekenboek, voor de jeugd
Auteur: Kremer, Hendrikus
Uitgave: Groningen: J. Oomkens, 1831
3e dr; 1e dr. 1821
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: Obr. 5533
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_203095
Onderwerp: Wiskunde: meetkunde: algemeen
Trefwoord: Meetkunde, Leermiddelen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Meetkundig rekenboek, voor de jeugd
Vorige scan Volgende scanScanned page
ilerhaling.
83
II mannen zoiukn overblijven; en qls bij die
er ook bij plaatfte , zoude bij aan i6 mannen
gebrek hebben ! hoe (lerk was dus deszells com-
pagnie ? Antw. 180 mannen.
15. Iemand koopt eenen boom , die op het
eene einde in omtrek dik is 2 ellen en 2 pal-
men , cn op liet andere einde i el en 65 dui-
men , om daarvan eenen vierkanten balk te ma-
ken ; hoe breed zullen de zijden deszelven
kunnen worden ? Antw. Aan het eene einde
bijna 49,5 duim, en aan het andere einde 37,123
duim. Aanmerking. Maak eenen cirkel voor
de rondte des booms ; teeken in denzclven eene
middellijn , en eene andere, die de eerfte regt-
hoekig fnijdt; voeg de einden dezer middellijnen
zamen : dan verkrijgt men het □ , dat uit dit
rond kan gefneden worden ; welk □ uit vier
regthoekige driehoeken beftaan zal.
16. Om het vijfzijdig boschachtig veld , als
:------------------yjjn binnen ontoegankelijk is ,
verandert men hetzelve in een trape-
zium , door
eene lijn , e-
venwijdigmet
de zijde AB ,
door het punt
D, tot aan
B de punten F
en H te trek-
ken , alwaar de verlengden van AE en BC de-
zelve ontmoeten. Nu meet men de zijden de-
zes trapeziums, AB n,8 , AF 5,8, FH 4,6
cn HB 5 Nederlandfche roeden. Voorts be-
vindt men de zijde ED 4, DC 4,4 cn de lood-
lijnen FG 1,4 en Hl 1,8 roeden, a) Hoe groot
F 2 moet
hiernevens
te meten