Boekgegevens
Titel: Meetkundig rekenboek, voor de jeugd
Auteur: Kremer, Hendrikus
Uitgave: Groningen: J. Oomkens, 1831
3e dr; 1e dr. 1821
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: Obr. 5533
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_203095
Onderwerp: Wiskunde: meetkunde: algemeen
Trefwoord: Meetkunde, Leermiddelen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Meetkundig rekenboek, voor de jeugd
Vorige scan Volgende scanScanned page
van Piramiden en Kegels. 6t
Vragen.
1. IVat onderfclteid is er tusfchen de pris-
maas of kantige zuilen en de piramiden, zon
als ook tusfchen cilinders of rollen en kegels P
2. fVie van , dezelve hebben den grootflen
inhoud, indien de grondvlakken en hoogten van
de eerflen zoo groot zijn als van de anderen P —
En hoe veel malen verfchilt derzelver grootte ?
3. Hoe moet dan de kubieke grootte van
piramiden en kegels gezocht worden ?
Voorflellen.
1. Van de verwonderlijke hoogte piramiden,
door de oude Egyptenaren vóór omtrent 3000
jaren gebouwd, munten drie derzelve uit, wel-
ke niet ver van Kairo gevonden worden. De
hoogde beltaat uit een vierzijdig grondvlak van
2728 voeten in den omtrek en 519 voeten lood-
regte hoogte. Indien dezelve uit tigchelftee-
nen, ieder van 4 kubieke voeten, opgetrokken
was, en inwendig geaie holligheden had, zoo
als zij andbrs heeft; uit hoe Veel fteen en zou-
de zij dan beftaan? Antw. Uit 2o-ii6'6i3
fteenen.
2. Indien men een driezijdig ftuk hout had,
waarvan iedere zijde op het einde breed was
18 duimen , of voet, en , van daar naar het an^-
der einde fpits uitloopende, de regte lengte had
van 16 voeten; hoe veel kubieke duimen of
voeten zouden dan in dat ftuk houts begrepen
zijn ? Antw. j/ 27 , zijnde nagenoeg 5,2 ku-
bieke voeten.
3. Indien een dusdanig ftuk houts niet drie-
zij-