Boekgegevens
Titel: Meetkundig rekenboek, voor de jeugd
Auteur: Kremer, Hendrikus
Uitgave: Groningen: J. Oomkens, 1831
3e dr; 1e dr. 1821
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: Obr. 5533
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_203095
Onderwerp: Wiskunde: meetkunde: algemeen
Trefwoord: Meetkunde, Leermiddelen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Meetkundig rekenboek, voor de jeugd
Vorige scan Volgende scanScanned page

Betekening der zijden van
. 4. Vooronderfleld, dat iemand
^ ftond op de plaats B, aan den
r zuidkant des Dóllerts , in de pro-
ƒ; vincie Groningen, welke begeerde
■ i te weten , boe ver de plaats A,
i zijnde de ftad Emden in Oostvries-
land , aan den noordkant diens zee-
: boezems gelegen', van hem afwas ,
: en hij daarom op den gezigtfh'aal
: AB, de lijn BC loodregt maakte
: en evenwijdig met AB , de lijn DE ;
: voorts de lijn .BC mat op 250 , CD
:£0p 4 en DE op 200 Nederlandfche
/i ellen : hoe lang moest hij dan den
•i aflland AB vinden? Antv/. 2J
: Nederlandfche uren.

5. Er is een fiuk bosch-
grond , van hetwelk twee zij-
den ontoegankelijk zijn , waar-
door alleen de zijde BC wordt
gemeten op 42 roeden. Men
maakt daarom eene lijn EF ,
evenwijdig aan CBen verlengt
E 'ïi...........""p de zijie Al^ tot in F, en de
zijde AC tot in E. Deleng-
te BC van F tot D gemeten zijnde, zoo heeft
men den ^ CDE gelijkvormig aan den A ABC.
Nu meet men de lengte CD 13, DE 14 en
CE 15 roeden : a) hoe lang zijn dus de zijden
AB en AC ; b) hoe lang is de loodlijn AG ,
volgens de berekening van § 9; cn c) hoe
groot