Boekgegevens
Titel: Meetkundig rekenboek, voor de jeugd
Auteur: Kremer, Hendrikus
Uitgave: Groningen: J. Oomkens, 1831
3e dr; 1e dr. 1821
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: Obr. 5533
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_203095
Onderwerp: Wiskunde: meetkunde: algemeen
Trefwoord: Meetkunde, Leermiddelen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Meetkundig rekenboek, voor de jeugd
Vorige scan Volgende scanScanned page
30 ' Bcrek, d, zijd. van ccn"* Regilu Drlch.
Omdat het □ AB + □ BC z= □ AC zijn ^
zoo werke men aldus :
AB 45 □ 2025
BC 60 □ 3600
rom = DAC 5625. Hieruit den □ wortel gc-
\/ —- trokken ,
komt AC 75.
2. Tot het dak van een huis , welks breedte
is iR voet, heeft men aan beide zijden i-^vocts
fpanten benoodigd; hoe hoog is dus het dak?
Antw, 15 voeten ruim.
3. Hoe lang moet een ladder zijn, om , met
het bovenfte einde, een' halven voet op het dak
yan een huis te reiken, als de muur onder liet
dak hoog is 15 voet, en de voet des ladders
van den muur zal verwijderd zijn 4I voet V Antw*
16^ voet.
4. Men zal een driehoekig fluk gronds me-
ten , dat met bosch gevuld is , waardoor men
de hoogte, of eene loodlijn, niet kan verkrijgen.
Men meet daarom de zijden , en bevindt twee
derzelve ieder lang te zijn 52 , en de derde 40
roeden. Bereken nu de loodlijn , die uit den
.eenen- hoek op de laatstgenoemde zijde moet
vallen , als ook de grootte van het (hik. Antw.
De loodlijn is 48 roeden , en de inhoud des
ftuks 960 □ roeden.
5. Als men in een vertrek, dat lang is 16,
breed 12 en hoog 15 voeten , uit den eenen hoek
van den vloer, langs den muur der breedte,
tot den nevensïlaanden hoek aan den zolder, eene
lat wil plaatfen ; als ook , op dezelfde wijze ,
eene . lat langs den muur der lengte ; cn nog
eene lat uit den eenen hoek van den vloer, door
het