Boekgegevens
Titel: Een woord aan alle kinderen en jeugdige christenen, welke het goede willen
Auteur: [niet beschikbaar]
Uitgave: Utrecht: Kemink en zoon, 1847
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: Obr. 9792
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_203055
Onderwerp: Pedagogiek: ethische vorming (pedagogiek)
Trefwoord: Ethische vorming
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Een woord aan alle kinderen en jeugdige christenen, welke het goede willen
Vorige scan Volgende scanScanned page
ook begrijpen, dat Hij een welbehagen in uwe
giften zal hebben, daar gij Ilein een bewijs
geeft, de kinderen ook lief te hebben, en mede
werkzaam zijt om ze tot dien kindervriend te
brengen, en op scholen aan Hem toegewijd,
te doen onderwijzen, en als dan in hunne har-
ten andere bewegingen te doen ontkiemen, dan
die tot het verrigten van allerlei kwaad. Wij
vertrouwen derhalve, dat wanneer uwe ouders
of bekenden den Weergalm zullen lezen (die
alleen ten voordeele dier havelooze kindertjes
geschreven wordt), zij en gij u gedrongen zult
gevoelen, een penningsken in dien spaai-pot te
Averpen. — Gij kuut er dan veilig bij denken,
dat uw hemelsche Vader er een welgevallen
in heeft, want gij kunt in zijn woord, dat is,
de Bijbel, lezen, dat Hij „een blijmoedigen
gever lief heeft." Zoekt gij zeiven maar in
het zevende vers van het negende hoofdstuk
van den tweeden brief van Paulus aan de
Corinthen, of het daar niet geschreven staat.
Ku, is dat niet iets wenschelijks, de goed-