Boekgegevens
Titel: Theoretische gronden der rekenkunde, voor eerstbeginnenden: dienende ter inleiding tot de studie der wiskunde
Auteur: Woelderen, C.L. van
Uitgave: Meppel: H. ten Brink, 1856
2e dr
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: Obr. 9866
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_203049
Onderwerp: Wiskunde: wiskunde: algemeen
Trefwoord: Rekenkunde, Leermiddelen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Theoretische gronden der rekenkunde, voor eerstbeginnenden: dienende ter inleiding tot de studie der wiskunde
Vorige scan Volgende scanScanned page
— 25 — ^
Wij beginnen optetellen de tertiën, na
3° 59' 57" 32"' alle overeenkomstige termen juist onder
8° 42' 31" 37"' elkander te hebben geschreven, en vin-
2° 45' 47" 52'" den 121'"; deelende deze som door 60,
10° 28' 17" P" oiïi'ïS'*' céne seconde 60'" heeft, vinden
wij 2" en 1'"; de 1"' schrijven wij bij
de tertiën, en de 2" tellen vrij bij de seconden op. Het zij
tot oefening aan den leerling overgelaten, de verdere be-
werking zelf te vinden.
§ 62. Aftrekhing. Zij gevraagd af te trekken
AVij beginnen 37'" van 13'" af-
van 12° 13' 12" 13 tetrekken, hetgeen niet kan; doch
3 13 14 37 leenende 1", blijven er nog 11 sec.
8° 59' 57" 36'" over; voor deze 1" kunnen wij 60'"
tellen, en bekomen^ dus nu 73'",
waarvan 37'" afgetrokken, tot rest geven 36'".
Het zij weder aan den leerling overgelaten, de verdere
bewerking zelf te vinden.
§ 63. Het dient bij de aftrekking nog opgemerkt te
worden, dat het dikwijls voorkomt, graden met minderdeelen,
van 180° af te trekken; tot voorkoming van abuizen is het
raadzaam, dit aldus te doen. Zij gevraagd van 180° af te
trekken 12° 13' 46" 54'", dan schrijven wij niet 180°, maar
179° 59' 59" 60"', dat klaarblijkehjk hetzelfde is.
12° 13' 46" 53'"
167°- 46' 13" 7"
§ 64. Vermenigvuldiging. Zij gevraagd 12° 11' 13'"
met 15 te vermenigvuldigen; dit schrijven wij aldus:
12° 11' O" 13'" 15 X 13'" = 195'" = 3" 15'"; de
-15 laatste schrijven wij op derzelver
182° 45' 3" 15'" plaats, de 3'' houden wij.
- 15X0"+ 3" = 3"
15 X 11' = 165' = 2° -f 45'
15 X 12° -f 2° = 182°
§ 65. De leerling zal wel doen, even als hij dit in het
vorige voorbeeld kan zien, altijd op te letten, de teekens,
die hij in de vorige les heeft geleerd, te gebruiken, en nooit,
al is het ook bij bewerkingen, die hij naderhand weder uit-
veegt, zich aan te wennen zoo te werken, dat niet ieder, even
gemakkelijk als hij zelf, kan zien, wat hij eigenlijk werkt; er