Boekgegevens
Titel: Rekenboek voor de scholen in ons vaderland: bijzonderlijk geschikt voor diegene, waarin volgens eene verbeterde leerwijze wordt onderrigt gegeven
Deel: 3e stukje
Auteur: Wijk, Jacobus van
Uitgave: Amsterdam: Johannes van der Hey en zoon, 1826
3e verb. dr
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: Obr. 9855
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_203042
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Rekenboek voor de scholen in ons vaderland: bijzonderlijk geschikt voor diegene, waarin volgens eene verbeterde leerwijze wordt onderrigt gegeven
Vorige scan Volgende scanScanned page
C 4 )
Ifer nu eischt 9 ellen voering, die i el breed is,
leunt gij dan wel rekenen hoe veel ellen | laken
hiertoe gaan?
11« En zoo de kleermaker eens 12 ellen van die voe-
ring gevraagd had?
12'. Dewijl deze heer ook op andere plaatfen han-
delt, zoo heeft hij eenen knecht, die daarheen
reist; deze kan in 18 dagen naar zekere plaats
gaan, ais hij dagelijks 4 mijlen aflegt. Kunt gij
nu wel zeggen hoe vele mijlen hij daags moet
afleggen, om in 12 dagen daar te zyn?
13«, En zoo hü in 6 dagen daar zijn wilde?
14«. En hoe vele mijlen zon hij wel daags afgelegd
hebben, indien hij er eens 24 dagen over deed?
15° Nu wil onze man een huis laten bouwen, het»
welk 25 werklieden aannemen en afmaken in 280
dagen; in hoe veel tijd zal dit wel afzijn, zoo er
nog 15 werklieden bij gefield- worden ?
16«. In dit huis wil hij eene kamer laten behangen,
waartoe vereischt worden 20a ellen linnen, dat i|
ellen breed is; dan, daar hij linnen gekocht heeft
van 2 ellen breed, zoo vraagt hij u, boe vele ellen
hij hiervan gebruiken moét?
17». Zoo deze heer in dit huis twee kamers wil
hebben, die even groot zijn, en de eene 18 voet
lang en 10 voet breed gemaakt is; doch hij de
tweede niet langer dan 12 voet maken kan; hoe
breed moet die dan wel vallen?
18«. Eer ondertusfchen aan dit werk begonnen wordr,
wordt deze heer benoemd tot kapitein van een
fchip,