Boekgegevens
Titel: Vraagstukken ter oefening in de meetkunde: (voor eerstbeginnenden)
Deel: 1e stukje
Auteur: Wisselink, W.H.
Uitgave: Groningen: Noordhoff & Smit, 1885
4e, verb. dr
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: Obr. 9667
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_203009
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Vraagstukken ter oefening in de meetkunde: (voor eerstbeginnenden)
Vorige scan Volgende scanScanned page
Bij NOORDHOFF & SMIT te Groningen is mede verschenen:
VRAAGSTUKKEN
ter
OEFENING IN DE REKENKUNDE,
(„Voorlooper" van de Eerste Verzameling van Vraagstukken
ter oefening in het Practisch rekenen) voor scholen
van M. U. L. O. en Normaallessen,
door
W. H. WISSELINK,
Leeraar aan de R, U. B. S. en de Normaallessen te Heerenveen,
Prijs 25 cent.
DERDE DR-UIi.
„Tot aansluiting van het zevende stukje zijner Rekenschool aan zijne
Eerste Verzameling ziet het aangekondigde boekje het licht.
De vraagstukken zijn over het algemeen met zulk een zorg gekozen , dat
zij aanleiding geven tot eene veelzijdige beschouwing en nuttige bespreking.
Het doet ons genoegen van een leeraar aan de Normaallessen voor onderwijzers
te vernemen, dat z. i. de kweekelingen , en wij voegen er bij de onderwijzers
zeiven, wel noodig hebben hun voorstellingsvermogen te oefenen in het teeke-
nen der figuren, waaraan de schrijver ook een plaatsje heeft ingeruimd. O. i.
kan het onderwijs in de vormleer veel bijdragen tot de ontwikkeling van het
voorstellingsvermogen, maar de heer Wisselink deed er niettemin wel aan
soortgelijke oefeningen in zijn rekenboek op te nemen.
Als proeve schrijven wij nog een der vraagstukken af:
„Iemand moet een getal G. vermenigvuldigen met 234 , maar springt in
plaats van een telkens twee cijfers in. Men vraagt:
Met welk getal heeft hij nu eigenlijk vermenigvuldigd ?
2«. Hoeveel maal 't getal G. verschilt zijn tweede gedeeltelijk product
met het tvare tweede gedeeltelijk product ?
3«. Hoeveel maal 't getal G. verschilt zijne uitkomst met het ware product ?
4^. Hoe komt het, dat 't cijfer der eenheden geen invloed heeft op 't ver-
schil tusschen „zijne" uitkomst en 't ware product ?
ö*-. Als zijne uitkomst gedeeld wordt door 't ware product, wat zal dan
het puotiënt zijn?
6«. Hoe komt het, dat *iware product met zijne uitkomst steeds een
negenvoud verschilt ?
Wat zou de vermenigvuldiger moeten zijn, als 't cijfer der tientallen r= 4
is, opdat 't ware product met zijne uitkomst 30060 maal 't getal G. verschille ?"
Het aangekondigde Rekenboek kome in veler handen, het zal ongetwij-
feld veel nut stichten." {Ons Recht.)