Boekgegevens
Titel: Vraagstukken ter oefening in de meetkunde: (voor eerstbeginnenden)
Deel: 1e stukje
Auteur: Wisselink, W.H.
Uitgave: Groningen: Noordhoff & Smit, 1885
4e, verb. dr
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: Obr. 9667
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_203009
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Vraagstukken ter oefening in de meetkunde: (voor eerstbeginnenden)
Vorige scan Volgende scanScanned page
15
20. Ziin de hoeken aan de basis van een driehoek gelijk,
dan staat de lijn, die den tophoek middendoor deelt
loodrecht op de basis. Toon dat aan.
21. Van een driehoek ABC is ^ A = 50° en Z B = 60°.
Bepaal den scherpen hoek, waaronder de lijnen elkaar
snijden, die het supplement van Z. B en van L C mid-
dendoor deelen. o5
22. Van een driehoek ABC is ^ A = 50° en Z B = 60°.
Bepaal den scherpen hoek, waaronder de lijnen elkaar
snijden , die /. B en 't supplement van L, C middendoor
deelen. XS
23. Kan bij een driehoek de som der complementen van
twee zijner hoeken' een rechte hoek zijn. (No. 8 § 3).
24. Hoe groot is de som der inspringende hoeken , behoo-
rende bij de hoeken eens driehoeks? jro
25. Bewijs dat, als men uit het hoekpunt des rechten hoeks,
in een rechthoekigen driehoek eene loodlijn trekt op de
hypotenusa, de deelen van dien hoek gelijk zijn aan de
scherpe hoeken diens driehoeks.
§ 4. Gelijk- en gelijkvormigheid van driehoeken.
1. Bewijs dat twee driehoeken gelijk en gelijkvormig zijn,,
als ze gelijk hebben: de hoeken aan de basis en de
lijn, die den tophoek middendoor deelt. (11).
2. Als gegeven is dat de lijn, die den tophoek eens drie-
hoeks middendoor deelt, rechthoekig staat op de basis,
dan is die driehoek gelijkbeenig. Bewijs dat. (10).
3. Uit 't midden der basis van een gelijkbeenigen driehoek
laat men loodlijnen op de opstaande zijden neer. Bewijs-
dat die loodlijnen even lang zijn. (13 , 11).
4. Bewys dat de lijn, die 't supplement van den tophoek
eens gelgkbeenigen driehoeks middendoor deelt, evenwij-
dig loopt aan de basis. (13 , 3 of 4»),