Boekgegevens
Titel: Het Fransch voor katholieke scholen: lezen, spreken, schrijven, van buiten leeren
Deel: II
Auteur: Werf, F. v.d.
Uitgave: Arnhem: Van Mastrigt en Verhoeven, 1895 *
4e dr
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: Obr. 9427
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_203001
* jaar van uitgave niet op de gebruikelijke wijze verkregen, mogelijk betreft het een schatting
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Het Fransch voor katholieke scholen: lezen, spreken, schrijven, van buiten leeren
Vorige scan Volgende scanScanned page
20
35. Beantwoord deze vragen:
à vendre = te koop. causer = veroorzaken,
la propriété = het eigendom, produit = voortgebracht,
le dégât = de schade. le mouchoir = de zakdoek,
l'ombrelle = de parasol.
Ces maisons sont-elles à vendre? Non,
Ces champs sont-ils la propriété de votre oncle? Non,
Ces animaux ne causent-ils pas beaucoup de
dégât? Si,
Ces arbres ont-ils déjà produit des fruits? Non,
Ces brebis ont-elles des cornes? Non.
Ces livres sont-ils à vous? Oui,
Ces couteaux ne sont-ils pas à lui? Si,
Ces mouchoirs sont-ils à elle? xN^on,
Ces haches sont-elles à nous? Oui.
Ces pipes sont-elles à eux? Oui,
Ces ombrelles ne sont-elles pas à elles? Si,
Ces cigares ne sont-ils pas à toi? Non,
Onthoud: In 't meervoud schrijft men voor al de
woorden ces.
36. Beantwoord de volgende vragen:
(Ie quoi = waarvan. Ie sacrifice = het offer,
former = vormen. offert ^ opgedragen.
Ie corps = het lichaam. Ir grain - de kraal.
Ie limon - het lijk. adressons-nous ^ richten wij.
Ie salut = het heil. ' se composer = bestaan uit.
De qui parlez-vous? (de'mon ami Henri).
De quoi parlez-vous? (de la beauté de la rose).
A qui pensez-vous? (à mes bienfaiteurs).
A quoi pensez-vous? (au jour de ma première com-
munion).