Boekgegevens
Titel: Raad van bestuur: een twintigtal voorbeelden uit de Heilige Schrift, ter navolging of waarschuwing aan de jeugd voorgesteld. Een leesboek voor school en huis
Deel: 3e stukje
Auteur: Velden, C. van der
Uitgave: Kampen: G. Ph. Zalsman, 1874
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: Obr. 8895
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_202969
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Raad van bestuur: een twintigtal voorbeelden uit de Heilige Schrift, ter navolging of waarschuwing aan de jeugd voorgesteld. Een leesboek voor school en huis
Vorige scan Volgende scanScanned page
21
deze wereld, anders zonden mijne dienaars voor Mg
gestreden hebben, opdat ik den Joden niet overge-
leverd ware," staat Pilatus verwonderd en vraagt
verbaasd nogmaals: »Zijt gij dan een koning?" En
nu de Heere daarop over het doel zijner komst op
aarde, over den aard van zijn koninkrgk en het
kenmerk zijner onderdanen spreekt, volgt uit den mond
des stadhouders de bekentenis: »Ik vindg^enschuld
in dezen mensch." Laat hij Hem nu los? Neen, de
zwakke rechter durft niet, nu hij de ontevredenheid
van het Joodsche volk bemerkt. De beschuldigingen
worden vernieuwd,- en daaruit neemt Pilatus aan-
leiding om den Heiland naar Herodes te zenden en
de geheele zaak dien verachtelgken viervorst over
te dragen. Dit oogmerk mislukt. Herodes laat Hem
bespotten, verklaart Hem onschuldig, maar zendt
Hem weder terug naar den landvoogd, en raadt
dezen, dat hij Hem moest kastijden en loslaten. Op
nieuw is de rechter verlegen; hij durft niet toege-
ven , laat Jezus nog niet los, al verklaart hij her-
haaldelijk zijne onschuld. Om Hem te redden uit
de handen der Joden stelt hij ter loslatiug tegen-
over Hem een moordenaar. Maar ook dit middel
is vruchteloos. De boodschap zijner vróuw en de
keuze des volks brengen den zwakken rechter wel
bij vernieuwing in eene pijnlijke ongelegenheid,
maar het kan hem nog niet van het hart: Hg is
onschuldig, ik stel Hem in volkómene vrgheid. Hij
laat den Heiland kastijden; geeft Hem over aan den
moedwil der soldaten. Daarna Hem «uitleidende,
stelt hij Hem het volk voor en tracht hen nog te'
bewegen door het: »Ziet den meiisch!" en »Ziet,
uw Koning!" Maar te vergeefs. De ' kreet der
woede klinkt den weifelenden rechter tegen: »Kruis