Boekgegevens
Titel: Meetkundige vraagstukken voor uitgebreid lager en middelbaar onderwijs
Auteur: Versluys, J.
Uitgave: Amsterdam: W. Versluys, 1880
2e dr
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: Obr. 8937
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_202958
Onderwerp: Wiskunde: meetkunde: algemeen
Trefwoord: Meetkunde, Leermiddelen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Meetkundige vraagstukken voor uitgebreid lager en middelbaar onderwijs
Vorige scan Volgende scanScanned page
13
Het trapezium. ^^^
/
1. Van een gelijkbeenig trapezium is een der hoeken 72
graden, 45 minuten en 30 seconden; bereken de andere
hoeken van dat trapezium.
2. Bewijs, dat er twee gehjkbeenige driehoeken ontstaan,
als men de beenen van een gelijkbeenig trapezium aan
den kant der kleinste evenwijdige zijde verlengt.
3. Als de kleinste hoek van een rechthoekig trapezium 68
graden en 15 seconden bevat, hoe groot is dan de grootste
hoek van dat trapezium ?
4. Als in nevenstaand trapezium hoek A 130 graden bevat
en hoek B 145 graden, hoe groot zijn
dan de hoeken C en D van dat tra-
pezium.
5. Als in nevenstaand figuur ABCD
een gelijkbeenig trapezium is, terwijl
BE evenwijdig loopt met AD en / C zeventig graden bevat,
hoe groot zijn dan de andere hoeken,
die in dit figuur voorkomen?
6. Bewijs, dat de twee vierhoeken,
waarin een trapezium wordt verdeeld
door een lijn evenwijdig aan de grond-
lijn , trapeziums zijn.
7. Bewijs, dat de twee trapeziums, waarin een gelijkbeenig
trapezium wordt verdeeld door een rechte lijn evenwijdig
met de grondlijn, ook gelijkbeenig zijn.
8. Kunnen de vier hoeken van een trapezium zich verhouden als
2, 3, 5 en 6?
of als 4, 7, 9 en 3 ?
9. Kunnen drie hoeken van een trapezium samen kleiner zijn
dan een gestrekte hoek?
10. Twee overstaande hoeken van een trapezium zijn
45 graden, 52 minuten, 16 seconden
en 131 „ 46 „ 27 „
Bereken de andere hoeken van dat trapezium.