Boekgegevens
Titel: Natuurkennis voor de volksschool
Deel: I Planten en dieren
Auteur: Scheepstra, H.; Walstra, W.
Uitgave: Groningen [etc.]: Wolters, 1893
2e dr
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: NOK 09-1035
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_202946
Onderwerp: Biologie: botanie: algemeen, Biologie: zoölogie: algemeen
Trefwoord: Plantkunde, Dierkunde, Leermiddelen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Natuurkennis voor de volksschool
Vorige scan Volgende scanScanned page
16
kers? (het saprijke, heerlijke vruchtvleesch). 5. Wat was dit vrueht-
vleesch eerst? (de groene wand van het vruchtbeginsel). 6. In de
kers zit.....of..... 7. Daarin ligt..... 8. Uit het
zaadje kan .... groeien. 9. Het is daarom wel .... 10. Wij
houden echter meer van.....
Teeken een dwarse doorsnede van een kers.
Teeken een overlangsche doorsnede van een kers.
9. DE KLAPROOS.
DE BLOEM.
Niet alleen in onze tuinen, ook op het veld groeien fraaie
bloemen. Niemand heeft ze daar gezaaid of geplant. Ze
schieten op tusschen de veldgewassen. De boer ziet ze daar
liever niet. Waar hij ze vindt, roeit hij ze uit, al versieren
ze zijn akker ook nog zoo mooi.
Een der schoonste bloemen, die in 't wild groeien, is
de klaproos. Ze bloeit in 't hartje van den zomer, dus in
Juni en Juli. Op vruchtbare kleigronden ontwikkelt ze zich
het best; toch komt ze ook voor op schrale, bebouwde
zandgronden. Staat ze in goede aarde, dan wordt de kruid-
achtige stengel ongeveer een Meter hoog.
We beginnen ons onderzoek weer met de bloera. De
kelkblaadjes behoeft ge niet weg te nemen. Ze zijn reeds
afgevallen. Zie, daar vindt gij ze nog aan dien halfgeopenden
knop. De helderroode bloemkroon is ten deele verborgen