Boekgegevens
Titel: Oefeningen in het natuurlijk lezen: (de nadruk): een eerst leesboekje voor de middelste klasse
Auteur: Sandwijk, Gijsbertus van
Uitgave: Purmerende: J. Schuitemaker, 1855
3e dr
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: Obr. 7868
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_202943
Onderwerp: Communicatiewetenschap: lezen
Trefwoord: Lezen, Leermiddelen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Oefeningen in het natuurlijk lezen: (de nadruk): een eerst leesboekje voor de middelste klasse
Vorige scan Volgende scanScanned page
45
85. LXXXV.
BELEEFDHEID.
Gerrit is al een zeer beleefde jongen, Noait
aal hij verzuimen, iemand te groeten. Nooit zalhy
sijn' pet ophouden, als hij iemand voorbij gaat.
Ieder houdt ook veel van Gerrit. Ieder vuil
Gerrit tot vriend hebben. Hij houdt zich ook aan
de les van het versje:
« Zoo gij een ding niet sparen moet,
Het is de rand van uwen hood ;
Heb dien gestadig in de hand;
Beleefdheid is aan dengd verwant."
86. LXXXVI.
Op een voorbeeld in de school slaat: « BELEEFD-
IIEID geeft VEILIGHEID, maar HOOGMOED
VIJANDEN." Dat VERSTA ik niel DUIDELIJK.—
Het laat zich tocli WEL begrijpen: zijn wij BE-
LEEFD, dan hebben wij VRIENDEN, die ons
BEVEILIGEN voor gevaren op den weg door dit
leven; BELEEFDHEID beveiligt ons dus Toor
ONHEIL. Maar de ON/lELEEFDE wordt Tan
ELK veracht; NIEMAND mag hem lijden; hij
verwerft door zijn gedrag dus VU ANDEN.