Boekgegevens
Titel: Oefeningen in het natuurlijk lezen: (de nadruk): een eerst leesboekje voor de middelste klasse
Auteur: Sandwijk, Gijsbertus van
Uitgave: Purmerende: J. Schuitemaker, 1855
3e dr
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: Obr. 7868
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_202943
Onderwerp: Communicatiewetenschap: lezen
Trefwoord: Lezen, Leermiddelen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Oefeningen in het natuurlijk lezen: (de nadruk): een eerst leesboekje voor de middelste klasse
Vorige scan Volgende scanScanned page
20
57. XXXVII.
Wat MAAKT gtj daar, Frederik? — Wel,
dat moet een SCIlEtPJE worden; ZIE maar,
DAT is de mast, DAAR hebt gy het roer, en
HIER moet de kajuit komen. NA den school-
tijd kunt gij mij ALTIJD daarmede bezig
vinden. Ik heb at eene kleine vloot van
VIER schepen op zolder; BRIKKEN heb ik
gemaakt van twee oude klompen van onze
meid, een BARK van een cigaren-kisfje en
een DRIEMAST-OORLOGSCHIP van eene oude
pijpelade,
36. xxxvr.
En wat doet gij nu mei die scheep-
jes ? — Wel! t/aar vaar ik den zolder
mede rond, en dan ziiig ik : hoo-i-
booi! zoodal de spreeuwen van schrik
van onder de pannen wegvliegen en
moeder soms aanden trap koml en mij
toeroept ; «Frits ! wal maakt gij tve-
der een leven. Het huis dreunt er
van.^'—JVu, vader Aee/'/my beloofd,
dal-, 'zoodra ik ^rooi genoeg hen^ hij
gelegenheid voor mij zal zoeken, om
op een schip geplaatst te worden.