Boekgegevens
Titel: Natuurlijk lezen
Deel: II Oefeningen voor de hoogste klasse eener lagere school
Auteur: Sandwijk, Gijsbertus van
Uitgave: Purmerende: J. Schuitemaker, 1872
5e, verb. en naar de nieuwe spelling veranderde dr
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: Obr. 7866
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_202941
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Natuurlijk lezen
Vorige scan Volgende scanScanned page
97
47.
De laatste oogeobllkkea ran eea
braren grijsaard.
{Langzaam, en afgebroken^
Daar lag de levenszatte grijsaard. Vijf en tachtig
jaarkringen had hij beleefd. Zijne zwaar hijgende
borst, zijne moeilijke en afgebroken ademhaling bewezen
genoeg, dat zijn levenseinde zeer nabij was. „Hoe
„gaat het, mijn goede Wouter?" zeide mevrouw van
Bingen, in wier famüie Wouter jaren lang tuinman
geweest was. — „'t Is — met mij — gedaan,
„Mevrouw !" zeide de zieltogende met afgebroken stem,
,ik ben — blijde, — dat ik — u — nog eens
„zie ; — gij hebt mij — zooveel — weldaden bewezen.
„Gij zijt ook — het evenbeeld — van uwe moeder —
„en van — uwe grootmoeder, die mij — als tuinman —
„in haren — dienst nam. Zij oogsten — reeds lang —
„daar boven in, — wat zij hier — onder de armen —
//zoo mild — gezaaid hebben. Duizend maal — dank —
„voor — hetgeen gij — aan mij, — armen, — afge-
„leefden man, — gedaan hebt; — daar boven, —
„waar — ik — haast — zijn zal, zult gij — er
„loon — voor — ontvangen; daar — boven, hoop
„ik — u — eens weder — te — ontmoeten. O! —
,daar — boven — bij — God — en Jezus Christus,
„en — zijne — heilige — engelen I — Daar —
»bo....."
nat. LEZEN II. 7