Boekgegevens
Titel: Natuurlijk lezen
Deel: II Oefeningen voor de hoogste klasse eener lagere school
Auteur: Sandwijk, Gijsbertus van
Uitgave: Purmerende: J. Schuitemaker, 1872
5e, verb. en naar de nieuwe spelling veranderde dr
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: Obr. 7866
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_202941
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Natuurlijk lezen
Vorige scan Volgende scanScanned page
71
stellen. Voorts, mgn kind! zijn wij overal onder
Gods bescherming, en zonder Zgn wil zal er geen
haar van ons hoofd vallen.
— O, vader 1 zie eens, wat slaat daar het vee met
de koppen naar beneden gebogen, aan den kant
van de sloot. Die dieren zijn toch ook wel bang.
— Ja, mgn kind! het onweder boezemt ontzag in,
maar de mensch ziet er Gods grootheid, majesteit,
macht en' liefde uit; want het onweder is hoogst
weldadig, al richt het soms schade aan.
— O, vader! vader! verschrikkelgk! daar ginds is
brand : zie, de vlam slaat bet dak uit. O! o! o 1
waar moet ik mg bergen!?
— Ja, zoo waar! dal is brand. Kom, Karol! nu
gaat gg terstond mede, om de bewoners te helpen ;
dal is onze plicht.
— Och, vader I ik bid u, laat mg, als 't u belieft,
te huis bigven. Ik kan nauwelgks op de beenen
staan, zoo beef ik.
— Wel foei, Karei! schaam u wat. Gg moet u
daartegen verzeilen. Als wg in nood waren, zouden
wg ook gaarne geholpen willen zijn. Kom! geef
mg maar eene hand, en gaan wg.
(Karei geeft zijn vader schoorvoetend eene hand
en beiden vertrekken.)