Boekgegevens
Titel: Het rekenen uit het hoofd in de lagere school
Deel: VI Tiendeelige breuken
Auteur: Raadersma, H.
Uitgave: 's-Gravenhage: Joh. Ykema, 1888
3e dr
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: Obr. 7497
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_202926
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Het rekenen uit het hoofd in de lagere school
Vorige scan Volgende scanScanned page
17
' 4. Iemand was schuldig f 2050. Hij betaalde daarop eerst
het 0,32 deel. Later gaf hij 600 KG rijst en bleef toen
nog /'1250 schuldig. Op hoeveel is 1 KG rijst gerekend?

,5. Als de prijs van een vat boter (40 KG) 39 gulden is;
hoe duur is dan 5 HG?
6. Van eene aanzienlijke partij kaas verkocht een hande-
laar eerst 0,2 deel en daarna nog 0,17 deel meer dan
den vorigen keer. Toen had hij 280 KG meer verkocht
dan dèn xyorigen keer. Hoe zwaar woog de geheele
partij? vrvv,".
7. Eene Amsterd. el is 0,688 M lang. Als men haar op
0,7 M rekent; hoeveel niM heeft men dan te veel ge- \
nomen ?
-t8. Een koopman verkoopt van een stuk katoen de helft
tegen 0,475 gld den meter. Naderhand verkoopt hij de
andere helft tegen 4,25 dubbeltje den meter en ontvangt
nu voor de tweede helft 4,5 kwartje minder dan voor
de eerste. Bereken de lengte van dat stuk katoen.
J9. Van een stuk lint werd eerst 0,75 deel verkocht tegen
0,075 gulden den meter en naderhand de rest tegen
0,065 gld den meter. Als de ontvangst in 't geheel 5,8
gld bedroeg; hoe lang was dan dat stuk lint?
VlO. Iemand koopt 2,25 M laken en betaalt daarvoor f 18,5.
Hoeveel moet men naar dien prijs voor 1,75 Amsterd.
el betalen?
De Amsterd. el op 0,7 M gerekend.
Raadersma, Uit 't HoofU Rek. VI. 3de druk.