Boekgegevens
Titel: Verscheidenheden voor de hoogste klassen der lagere school: een vervolg op De moedertaal
Auteur: Raaf, Harm de
Uitgave: Groningen: Noordhoff & Smit, 1883
2e dr
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: Obr. 7455
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_202916
Onderwerp: Communicatiewetenschap: lezen
Trefwoord: Lezen, Leermiddelen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Verscheidenheden voor de hoogste klassen der lagere school: een vervolg op De moedertaal
Vorige scan Volgende scanScanned page
51
wind en weer beschut zijn. Vliegen kunnen ze ook niet zoo goed
als wij; terwijl wij rakelings langs muren en over 't water zweven,
stijgen zij hoog in de lucht, om hun voedsel te zoeken.
Bij mijn eerste tochtjes maakte ik met nog een andere ver-
wante kennis, die de mensch oeverzwaluw noemt. Die leeft
geheel anders dan wij. Denk maar eens aan! In den steilen
oever van een of ander water graaft zij een diepen, nauwen
gang, aan welks einde zij haar nest bouwt. Wat een werk voor
zoo'n klein ding! Want zij is wel een hoofd kleiner dan wij.
Onze vrienden en bekenden verhaalden ons ook van de men-
schen. Sommigen hunner weten zeer wel, dat we hun goed doen
met het verdelgen van veel klein gedierte, en zij laten ons
dairom rustig in hunne huizen wonen.»
Toen nu de moeder eenige oogenblikken zweeg, riep het oudste
jong: «Och moe, vertel nog verder, toe! Wij hooren 't zoo
graag.»
«Van avond niet,» was 't antwoord, «'tis nu tijd van slapen.
Als je morgen goed oppast, verhaal ik u van de groote reis naar
het verre land, waar we 's winters wonen.»
«O ja, ja!» riepen de jongen, «dat is mooi! We zullen
wel goed oppassen.»
En zij doken hun kopjes tegen de moeder aan en sliepen
weldra in. En de maan scheen pleizier te hebben van het kleine
volk: zij zag er vriendelijk op neer.
28. UIT HET LEVEN EENS VOGELS.
II. in verre streken.
Den volgenden avond hervatte de moeder tot groote vreugde
der kleinen haar verhaal.
«De zomer was onder allerlei vermaken verstreken, de herfst-
wind werd al guurder, de akkers lagen kaal. Vele bekenden: