Boekgegevens
Titel: Verscheidenheden voor de hoogste klassen der lagere school: een vervolg op De moedertaal
Auteur: Raaf, Harm de
Uitgave: Groningen: Noordhoff & Smit, 1883
2e dr
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: Obr. 7455
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_202916
Onderwerp: Communicatiewetenschap: lezen
Trefwoord: Lezen, Leermiddelen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Verscheidenheden voor de hoogste klassen der lagere school: een vervolg op De moedertaal
Vorige scan Volgende scanScanned page
13
Als een appelboom vol vruchten hangt,
Neigen zich zijn takken, vriend'lijk noodend;
Als een edel mensch tot aanzien komt,
Buigt hij neer zich, and'ren vriend'lijk helpend.
7. ZOMERLIEDJE.
De schepping lacht, natuur is blij
En ziet zoo goedig neer ,
En lonkt op ieder, wie het zij ,
Op niemand min noch meer.
Ziet, ziet eens, kind'ren! rondom heen:
Wat heeft ze een pracht verspreid!
Die rolt zij uit voor groot en kleen,
En maakt geen onderscheid.
Ziet links en rechts , hoe mild zij is!
Hoe siert zij kluit en kruin !
Zij kleurt het groen op 't veld zoo frisch
Als in des konings tuin.
De lieve zon lacht bloem en plant
Van boer en koning aan ;
Nog langer blijft ze op 't open veld,
Dan in den lusthof slaan.
Wat zijt gij groot, natuur, en goed!
Wat zijt gij wijs en mild ,
Dat gij den arme smaken doet,
Wat gij den rijke spilt!