Boekgegevens
Titel: Wie leest er mee?: leesboek voor de lagere school (het vijfde der eerste serie)
Auteur: Oostveen, W.F.; Brouwer, N.; Cramer, W.
Uitgave: Purmerend: J. Muusses, 1897
13e dr.
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: Obr. 6981
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_202915
Onderwerp: Communicatiewetenschap: lezen
Trefwoord: Lezen, Leermiddelen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Wie leest er mee?: leesboek voor de lagere school (het vijfde der eerste serie)
Vorige scan Volgende scanScanned page
Het onweer.
Oef! wat was het warm. De bloemen in den tuin zagen
er uit, alsof ze verlept waren. Carro, de hond, liep den
geheelen dag met de tong uit den bek, en de musschen
zaten op het dak in de schaduw van den schoorsteen
te gapen, 't Was goed, dat het vacantie was ; want met
zulk weer kan je toch geen drie uren lang op de school-
bank zitten.
Maar even na den middag begon de zon weg te schui-
len. Eventjes toch maar, want zie, daar was zij alweer.
Doch het duurde niet lang. Er kwamen al meer en meer
wolkjes aan den hemel en de zon moest er achter, zoo
goed was ze niet. Eindelijk was ze geheel weg. Men zag
ze ten minste niet meer. Daar kwam een koel windje.
Dat deed goed. De lucht werd nog meer bewolkt en het
werd hoe langer hoe donkerder, in huis en op straat.
De menschen, die het zagen, zeiden tegen elkander,
dat er onweer aan de lucht was, en dat het nu wel gauw
zou opfrisschen.
Üoch wie er ook iets bemerkte van het naderend onweer,
kleine Marie bemerkte er niets van. Hoe kwam dat? Ze
stond in de binnenkamer aan de tafel, en midden daarop