Boekgegevens
Titel: Wie leest er mee?: leesboek voor de lagere school (het vijfde der eerste serie)
Auteur: Oostveen, W.F.; Brouwer, N.; Cramer, W.
Uitgave: Purmerend: J. Muusses, 1897
13e dr.
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: Obr. 6981
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_202915
Onderwerp: Communicatiewetenschap: lezen
Trefwoord: Lezen, Leermiddelen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Wie leest er mee?: leesboek voor de lagere school (het vijfde der eerste serie)
Vorige scan Volgende scanScanned page
59
Het vischje springt; de vogel zingt,
Hy kan van vreugd niet zwygen.
Maar schalt het uit op blijden toon:
»Wat is die zomer heerlijk schoon!''
Nu spelen wij, zoo los en vrij,
En dartelen en springen.
Of tusschen 't groen, van ons plantsoen,
Daar dwalen wij en zingen
Ons vroolijk lied op blijden toon:
»Wat is die zomer heerlijk schoon!"
De Leugenaar.
Ik wil u eens wat vertellen van Hans den leugenaar.
Die jongen was er altijd op uit, om een ander wat wijs
te maken. Hij had altyd allerlei vreemde dingen ge-
hoord en gezien, als, men hem maar gelooven wou. Hij
verzon meest alles, wat hij vertelde. Men zou zeggen, hoe
kwam hij er aan; want Hans woonde op een dorp, waar
wel veel moois, maar niet veel vreemds te zien was, en
waar bijna nooit iets vreemds gebeurde. Eens op een
marktdag ging zijn vader naar de stad. Hans was een
paar dagen te voren acht jaar geweest, en nu had Vader
beloofd, dat hij mee mocht, om de stad eens te zien.
:&Ha," dacht Hans, »dat is een buitenkansje. In de stad