Boekgegevens
Titel: Wie leest er mee?: leesboek voor de lagere school (het vijfde der eerste serie)
Auteur: Oostveen, W.F.; Brouwer, N.; Cramer, W.
Uitgave: Purmerend: J. Muusses, 1897
13e dr.
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: Obr. 6981
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_202915
Onderwerp: Communicatiewetenschap: lezen
Trefwoord: Lezen, Leermiddelen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Wie leest er mee?: leesboek voor de lagere school (het vijfde der eerste serie)
Vorige scan Volgende scanScanned page
51
kreeg hij een kleur als vuur en droop beschaamd af.
Toch hoorde ik later weer, dat hij vogelnestjes uitgehaald,
of de kippen van mijn buurman in het water gejaagd
had; en meer zulke streken. Als iemand het merkte en
er iets van zag, schaamde hij zich de oogen uit het hoofd,
maar toch deed hij het telkens weer.
Blinde Jacob.
IL
Wat er nu laatst gebeurd is, doet aan alles de deur
toe. Gij moet weten, het was verleden week op een
regenachtigen dag, en Karei liep 's middags, met een paar
andere jongens, onder de boomen op de gracht. Door
den regen konden ze niet spelen zooals ze wel wilden,
en verveelden zich zeker een beetje. Daar kreeg een van
de jongens den hond van blinden Jakob in 't oog, die
ook alleen buiten liep, omdat de baas binnen bleef, met
den regen. »Mentor!" riep hij en Mentor kwam dadelijk
naar hem toe. Hij kende de jongens wel en liet geduldig
met zich sollen. Eerst was het opzitten en pootjes geven
en door de handen springen. Die kunstjes kende Mentor
l)est, en hij had er de jongens al honderdmaal mee ver-
maakt. Nu, dat mocht wel. Maar ongelukkig kreeg Karei
4*