Boekgegevens
Titel: Wie leest er mee?: leesboek voor de lagere school (het vijfde der eerste serie)
Auteur: Oostveen, W.F.; Brouwer, N.; Cramer, W.
Uitgave: Purmerend: J. Muusses, 1897
13e dr.
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: Obr. 6981
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_202915
Onderwerp: Communicatiewetenschap: lezen
Trefwoord: Lezen, Leermiddelen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Wie leest er mee?: leesboek voor de lagere school (het vijfde der eerste serie)
Vorige scan Volgende scanScanned page
30
woning sleepten. Eens op een dag zeide de oude muis
tot de jonge: »Lief kind, ik heb je nu als een goede
moeder grootgebracht; ik heb je geleerd, voedsel te zoeken,
een muizengat te maken, en in de verte te ruiken,
of er wat lekkers te snoepen valt; nu moet je eens de
wereld in en je fortuin zoeken. Van nacht, als alles stil
is, mag je heengaan." De jonge muis vond dat heel plei-
zierig en had wel dadelijk heen willen gaan, als ze maar
niet bang was geweest voor de menschen. Eindelijk werd
het avond; de menschen kwamen van hun werk naar
huis. De vrouw maakte het vuur aan, zette een pan er
op, en begon spek te braden en aardappelen te bakken.
Dat rook zoo lekker, dat de jonge muis het niet langer
in haar hol kon uithouden. Ze kroop stil uit het gat, en
verborg zich achter den poot van de latafel. Terwijl ze
daar zat, gingen man, vrouw en kinderen aan de tafel
zitten en begonnen te eten. » Moeder, Moeder 1" riep een van
de kinderen, »daar zit een muis achter den poot van
de latafel." Verschrikt ging de muis achteruit, maar ze
had niets te vreezen. De vrouw wierp een paar kruimels
onder de latafel en zeide : »Laat het beestje maar zitten,
het moet ook leven."—»Ziezoo, dat gaat goed!" dacht
de muis, »als alle menschen zoo vriendelijk zijn, zal ik
wel door de wereld komen." Toen de menschen gedaan
hadden met eten, gingen ze slapen, en het werd donker