Boekgegevens
Titel: Wie leest er mee?: leesboek voor de lagere school (het vijfde der eerste serie)
Auteur: Oostveen, W.F.; Brouwer, N.; Cramer, W.
Uitgave: Purmerend: J. Muusses, 1897
13e dr.
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: Obr. 6981
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_202915
Onderwerp: Communicatiewetenschap: lezen
Trefwoord: Lezen, Leermiddelen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Wie leest er mee?: leesboek voor de lagere school (het vijfde der eerste serie)
Vorige scan Volgende scanScanned page
27
Hoe keurig al die boomen staan !
Wat golft het koolzaad en het graan!
O, zomertijd, o, zomertijd!
Wat zijt gij schoon en prachtig!
ü, bruine herfst, o, bruine herfst!
Wat zijt gij mild en goedig!
In schuur en kelder, mand en vat,
Bergt ieder blij uw grooten schat.
O, bruine herfst, o, bruine herfst!
Wat zijt gij mild en goedig!
O, wintertijd, o, wintertijd!
U mag ik ook wel lijden.
Al brengt gij .'.neeuw en ijzel mee,
't Wordt Sinterklaas ! hoezee ! hoezee !
O, wintertijd, o, wintertijd !
U mag ik ook wel lijden.
Ai te brutaal.
De musschen zijn toch eigenlijk een brutaal volkje.
Ze komen overal, waar andere vogels niet durven. Als er
wat voor hen te halen valt, zijn het echte waaghalzen.
En of er al menigeen leelijk inloopt, zij blijven maar
even brutaal. Laatst op een warmen dag zat ons poesje
in den tuin, en keek begeerig naar het kippenhok.