Boekgegevens
Titel: Engelsche spraakkunst: met toepasselijke opstellen ter vertaling
Auteur: Murray, Lindley; Bruinvisch Maatjes, Adrianus
Uitgave: Zalt-Bommel: Joh. Noman en zoon, 1860
7e verb. dr.
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: Obr. 6734
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_202891
Onderwerp: Taal- en letterkunde naar afzonderlijke talen: Engelse taalkunde
Trefwoord: Engels, Leermiddelen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Engelsche spraakkunst: met toepasselijke opstellen ter vertaling
Vorige scan Volgende scanScanned page
SPRAAKKUNST.
85
ni«t iedere wetenschap hare grondregels 3 ? De voorspoed 4
zal liem noch verhlmden 5, noch verhoovaardigen ü. Daar is
geene droefheid 7, welke de lengte 8 van tijd niet vermin-
dert 9 of verzacht 10. Een zuiver 11 geweien heeft geene
verontschuldiging noodig 12, en vreest geene beschuldiging 13.
De wereld geeft 14 ons niet altijd genoegen en vermaak, maar
dikwerf verdriet 15 en moeite 16. Wanneer wij een' vorst 17
uiet durven laheii 18 na zijn' dood, is 't een teeken 19,
dat zijn opvolger 20 hem ^el^jk 21 is. Sommige menschen 22
houden niet op 23 te hlagen over 24 de fortuin , hoewel zij
overladen 25 zijn met hare gunsten 26.
3 principle.
4 prosperity.
5 to blind.
6 to make proud.
7 grief.
8 length.
9 to lessen.
10 to mollify.
H clear.
12 to need.
13 accusation.
14 to afford.
15 affliction.
16 trouble.
17 prince.
18 to blame.
19 sign.
20 successor.
21 like.
22 people.
23 not to cease.
24 to complain of.
25 to load.
26 favour.
N°. 80.
Ik wenschte, dat die reiziger 1 de dingen niet anders ver-
haalde 2, dan zij zijn. En ik wensohle, dat hij miju' vader
belette 3 mij te straffen 4. Maar, mijn jonge Vriend! gij zult
niet leeren , tenzij 5 hij u slrafle. Een regier 6 hehoort zijn
eigen hart te oiiderzoeken 7, opdat 8 de drift 9 het regt 10
niet belette 11. Kundel% zonder nederigheid 13 brengt niets
voort 14 dan hoogmoed 15. God eischt 16 niets van ons , dan
hetgeen tot ons voordeel strekt 11., Vriendschap kan men alleen
door vriendscliap koopen 18. Bedroef 19 niemand, laak 20
nooit zonder reden , berisp 21 nimmer met drift, en wees
steeds gereed, om beleedigingen 22 te vergeven. De liefdadig-
heid 23 ziet 24 nooit anderen met verachting aan.
1 traveller. 10 justice. 18 is to be purchased.
2 to relate. 11 to prevent. 19 to afäict.
3 to hinder. 12 knowledge. 20 blame.
4 from punishing me. 13 humility. 21 to reprimand.
5 unless.
6 judge.
7 to examine.
8 lest.
9 passion.
14 to produce nothing. 22 injury.
15 pride. 23 charity.
16 to require. 24 to look on.
17 is to.