Boekgegevens
Titel: Engelsche spraakkunst: met toepasselijke opstellen ter vertaling
Auteur: Murray, Lindley; Bruinvisch Maatjes, Adrianus
Uitgave: Zalt-Bommel: Joh. Noman en zoon, 1860
7e verb. dr.
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: Obr. 6734
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_202891
Onderwerp: Taal- en letterkunde naar afzonderlijke talen: Engelse taalkunde
Trefwoord: Engels, Leermiddelen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Engelsche spraakkunst: met toepasselijke opstellen ter vertaling
Vorige scan Volgende scanScanned page
216.
ENGELSCHE
gchooriaarnbcid en zijne dwaasheden groot geweest zijn, wij zul-
len hem alles vergeven, indien bij zijn wangedrag 3 opregt
hekent 4. Van deze oorzaken hangt al 't geluk of al de el-
lende 5 af, die onder de nienscben bestaat 6. Deze schrijver
geeft ons een herigt 7 van de wijze, waarop hei Christendom S
onder de heidenen wordt voortgeplant 9. "VVij aanbidden
het Goddelijk Wezen, Hem , die van ee iwigbeid lot eeuwig-
beid is. Deugd en onderling 10 vertrouwen zijn de ziel der
vriendschap; waar deze onlhreken, volgt afkeer 11 en baat
op de kleinste geschillen 12. Hoewel de wroeging 13 somtijds
slaapt in voorspoed, zoo ontwaakt zij zeker in tegenspoed. Het
is eene onveranderlijke 14 wel van onzen tegenwoordigen toe-
stand 15, dat elk vermaak, dat men buitensporig 16 na-
jaagt 17, in vergift 18 verandert 19. Goed te doen aan
hen , die ons baten , en hijTgeene gelegenheden ons te zoeken
Ie wreken , is de pligt eens Christens. Overvloed 20 mag ons
achting geven in de oogen van *t gemeen 21 , maar is geene
aanbeveling bij den wijie en deugdzame. Boe zeer 22 zijn ware
deugd en verdiensten blootgesteld aan de moeijelijkheden 23
van een onstuimig 24 leven!
3 misconduct. 11 disgust.
4 to acknowledge. 12 difference.
13 remorse.
14 invariable.
15 condition.
16 with excess.
17 to pursue.
5 misery.
6 to exist.
7 account.
8 Christianity.
9 propagate.
10 mutual.
18 poison.
39 to convert itself.
20 affluence.
21 vulgar.
22 how much.
23 hardship.
24 stormy.
186.
Han voorbeeld, hun invloed!^ bun fortuin, elke begaafd-
heid 2, die zij bezitten, stort 3 zegeningen 4 uit 3 opalies,
wat rondom hen is. Zijne redevoering bevat de grofste 5 en
schandelijkste 6 lastertaal, die er ooit uitgesproken 1 is. Las-
teren en kwaadspreken 8 zijn als 't ware V07iken 9, die van
zelve uitgaan 10, wanneer men er niet op blaast. Deze man
toonde eene vergevejisgezifidheid 11 en eene grootmoedigheid 12,
1 influence.
2 talent.
3 to dispense.
4 blessing.
5 grossest.
6 most infamous.
7 to utter.
8 detraction.
9 spark.
10 to go out.
11 spirit of forgiveness.
12 magnanimity.