Boekgegevens
Titel: Engelsche spraakkunst: met toepasselijke opstellen ter vertaling
Auteur: Murray, Lindley; Bruinvisch Maatjes, Adrianus
Uitgave: Zalt-Bommel: Joh. Noman en zoon, 1860
7e verb. dr.
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: Obr. 6734
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_202891
Onderwerp: Taal- en letterkunde naar afzonderlijke talen: Engelse taalkunde
Trefwoord: Engels, Leermiddelen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Engelsche spraakkunst: met toepasselijke opstellen ter vertaling
Vorige scan Volgende scanScanned page
192. ENGELSCHE
Onvolmaakt verleden tijd:
Ik schreef.
I worie,
I was wniing,
I did write f
't Is evenwel in 't geheel niet onverschillig," welke van dïe drie
nitdrukkingen men gebruikt. In den tegenwoordigen tijd gebruikt
men de eerste wijze, wanneer men van eene daad spreekt, die dik-
werf geschiedt, die bestendig, die eene gewoonte is:
He writes and reads well. Hij schrijft en leest wel.
They play well on the violin. Zij spelen wel op dc viool.
They meet every montk. Zij komen alle maand bijeen."
He preacJies every sunday. Hij predikt alle zondagen.
De tweede wijze gebruikt men, wanneer men alleen den tijd op
't oog heeft; wanneer men volstrekt aanduidt, dat de daad geschiedt
op 't oogenblik, waarin men spreekt, en op geen' anderen tijd; of
wanneer de daad nog voortduurt:
I am writing, as you see, Ik schrijf, zoo als gij ziet.
I am going to the church. Ik ga naar de kerk.
I am thinking of you , Ik denk juist, op dit oogenblik,
aan u.
Wanneer men van eene werking van 't hart, of van den geeat
spreekt, gebruikt men nooit deze wijze van spreken; men zegge
dus niet:
I am liating that man'. Ik haat dien man.
I am loving that lady, Ik bemin die dame.
I am despising him, Ik veracht hem.
maar: I hate that man, enz., omdat deze uitdrukking eigenlijk
eene meerdere of mindere duurzaamheid aantoont, hetwelk cr juist
ia ligt opgesloten.
De derde wijze, met het hulpwoord io do, drukt eene sterkere be-
vestiging uit, en dient veelal om eene ontkenning tegen te spreken;
wanneer, b. v., iemand zegt, dat ik niet schrijf, en ik doe het wer-
kelijk, dan antwoord ik: I do wriie, ik schrijf wel.
Do beteekent ook nog; wanneer, b. v., iemand zeide: yott loved
your sister, gij bemindet uwe zuster (even alsof 'tnu gedaan ware^,
dan zou men daarop zeggen: I do love her, dat is: ik bemin haar
nog.
Men gebruikt somtijds den tegenwoordigen in plaats van den on-
volmaakt verleden' tijd, in levendige verbalen, als:
l meet with him, teil him the Ik ontmoet hem, verhaal hem e