Boekgegevens
Titel: G.C. Mulder's Oefeningen tot toepassing van het geleerde in de Nederlandsche spraakkunst voor schoolgebruik
Auteur: Mulder, Gerard Christiaan
Uitgave: Arnhem: J. Voltelen, 1863
Nijmegen: H.C.A. Thieme
3e verb dr; 1e dr. 1854
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: Obr. 6700
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_202884
Onderwerp: Taal- en letterkunde naar afzonderlijke talen: Nederlandse taalkunde
Trefwoord: Nederlands, Grammatica's (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   G.C. Mulder's Oefeningen tot toepassing van het geleerde in de Nederlandsche spraakkunst voor schoolgebruik
Vorige scan Volgende scanScanned page
93
in 't geheel geen neederlants hantschrift, en deszelfs bekent-
heit is ons uit het Duitsch geworden. Intusschen draagt het
alle blijke dat het van onze— bodem na duitschland is over-
gebragt', en is de plaats der handeling ook ten onzent aan te
wyzen. Men meent dus met recht hetzelve het heldendigt van
Nederland noemen le mogen. De hoofdpersone is Goedroen ,
dogter van Hettel, vorst der Hegelingen in Vlaanderen, wel-
ke door Hartmoet van Normandije uit haars vaders burg ont-
voert, met haar gezel Hildburg en de andere jongvrouwen in
hunne gevangenschap tot allerlei lage slavendienst gedwon-
gen , dog eindelijk na bloedige kamp, door Herwig, de ko-
ning van Seelant word bevrijt, met wie zij in de echt treed,
27.
Wij gaan tands over tot de beschouwing van die voort-
brengsels der vroegere poezie, die men Ridder-Romannen
noemt, na de taal waarin zij vervaardigt waare naamelijk het
Romaansch , zynde het noordelijk Waalsch , ook langue d'oil
genoemt in tegenstelling van het zuidelijk Waals dat langue
d' oc heette, en welken naam noch bestaad in een der zui-
delijke gewesten van Frankrijk (1). De langue d' oil wierd
het nieuwe Fransch, en in dezelve schrijfden de troiivères
hare liederen, dewelke by ons vertaalt, om reedeals boven
gezegt is, de naam van romannen kreegen.
De Ridder-romanen , van welke wy nu spreeke willen on-
derscheid men in karel-romanen , in dewelke de helden in de
betrekking stonden met Karei de groote en in Arlliur-roma-
nen, wier inhout zich tot den engelschen koning Arthur be-
paalt. Tot de laatste behoore ook de Graal-romans, wier on-
derwerp het zoeken naar den beker is, die Jezus b'y" het laaste
avondmaal gebruikt heeft, en die gedient zou hebben om het
bloet van Jezus aan t' kruis op te vangen. Van dit bloet
sang reaal verkreeg dien beeker de naam van san Graal of St.
Graal. Deze beker zou door Josep van Arimathea na Brit-
tanje zijn gebracht; maar vervolgens verlooren gegaan zijnde,
door de Ridders van de ronde tafel een ridderorde door de
(1) Deze benaming had zijn oorsprong in de onderacheiden uitdruk-
king Tan het woordje yo dopr oc en oil, thans oui.
7