Boekgegevens
Titel: G.C. Mulder's Oefeningen tot toepassing van het geleerde in de Nederlandsche spraakkunst voor schoolgebruik
Auteur: Mulder, Gerard Christiaan
Uitgave: Arnhem: J. Voltelen, 1863
Nijmegen: H.C.A. Thieme
3e verb dr; 1e dr. 1854
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: Obr. 6700
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_202884
Onderwerp: Taal- en letterkunde naar afzonderlijke talen: Nederlandse taalkunde
Trefwoord: Nederlands, Grammatica's (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   G.C. Mulder's Oefeningen tot toepassing van het geleerde in de Nederlandsche spraakkunst voor schoolgebruik
Vorige scan Volgende scanScanned page
71
— het zijn -niet uwe weldaden, waarvan hij een verblijdend
genot heeft: —■ Gij zijt het, Gij zelf, dien hij lief heeft;
dien hij altijd lief heeft. Of de zon van voorspoed voor u
oprijst, en klimt, en den hoogen middagtop bereikt, — dan
wel bezwijkt, daalt, onder de kimmen wegzinkt; — zoo min
zijne vriendschap de opgaande zon aanbad, even weinig laat
hij u nu, in den nacht van onspoed, alleen. Dat elk u vrij
den nek toekeere, beschimpe, verlate; hij blijft aan uwe zij-
de, en deelt in dien smaad; want — hij bemint u. Zelfs
wanneer hij het zich niet ontveinzen kan , dat Gij u anderer
veroordeeling, verguizing, verafschuwing hebt waardig ge-
maakt, en zyn eigen goede naam door uw wangedrag in ge-
vaar komt, kan h'y het niet van zich verkrijgen, u aan u
zeiven over te laten: — aan de verdiende schande, aan het
voorteten des kankers van de ondeugd, aan het vroeger of
later, maar eens zeker, zich openbarende zelfverwijt en ge-
wetens-angst over te laten: — neen, ook dan nog blijft hij
deelnemen in uw lot, in uw lijden , en werkzaam zijn aan
uwe weder-oprigting en uw herstel in zedelijke waarde en
rein levensgenot; en dat alleen daarom , — wyl hij u liefheeft.
J. Clarisse.
15.
Hoorn.
Ben ick de Moeder Stadt van soo veel moedigh bloed,
Dat soo veel' wond'ren dé, en soo veel' wond'ren doet.
Van Mannen die, vermant, voor mannen noyt en weken.
Van Zeilers die, verzeilt, voor Zeilers noyt en streken.
C. Iluijgens.
's Graventiage.
Het heele Land in 'tklein, de Waege van den Staet,
De Schaeve van de Jeugd, de Schole van de Daed,
Het Dorp der Dorpen geen daer yeder Steegh een pad is,
Maer Dorp der Steden een daer yeder Straet een Stad is.
Ibid.
Ey! wat is van den mensch, wanneer hy lange jaren
Des werelts woesten stroom is op en af gevaren.