Boekgegevens
Titel: G.C. Mulder's Oefeningen tot toepassing van het geleerde in de Nederlandsche spraakkunst voor schoolgebruik
Auteur: Mulder, Gerard Christiaan
Uitgave: Arnhem: J. Voltelen, 1863
Nijmegen: H.C.A. Thieme
3e verb dr; 1e dr. 1854
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: Obr. 6700
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_202884
Onderwerp: Taal- en letterkunde naar afzonderlijke talen: Nederlandse taalkunde
Trefwoord: Nederlands, Grammatica's (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   G.C. Mulder's Oefeningen tot toepassing van het geleerde in de Nederlandsche spraakkunst voor schoolgebruik
Vorige scan Volgende scanScanned page
48
als: vijfjaren eene naamvalsbelrekking, en lang eene bijwoorde-
lijke betrekking.
2.
Vervolg.
Regulus liet zich dien last welgevallen, verbond zich pleg-
tig door den afgedwongen eed, en begaf zich met zijne mede-
gezanten naar Rome. Hoezeer het hart van eenen echtge-
noot en vader, die weleer aan de zorgen voor zijn gezin de
schoonste uitzigten in de loopbaan der eer had willên opoffe-
ren , ook trekken mögt naar zijn lang verlaten huis; hoezeer
de nadering van eiken mijlpaal hem dat hart met versnelde
slagen van een hijgend verlangen mögt doen kloppen, eer-
biedigde hij echter 's lands gebruik , 't geen den gezanten van
vijandelyke volkeren niet binnen Rome's muren toeliet, maar
buiten dezelven in den tempel van Mars gehoor verleende;
ja, daar de verrukking der Romeinen over den wederkeeren-
den Regulus, hen dit gebruik deed vergeten, en hem vol
blijdschap in de stad deed noodigen, wederstond hij groot-
moedig deze verzoeking, wier gewigt men zich ligtelijk kan
voorstellen, en herinnerde hij zelf hun dat oud en eerwaardig
gebruik. M. Stuart.
3.
Karakter van Cicero.
Zyne geestvermogens waren zeldzaam, zijne werkzaamheid
allerloffelijkst en voorbeeldeloos, zijne welsprekendheid zonder
wedergade. Zijn hart was gevoelig, liefderijk ,dienstvaardig,
maar schroomvallig , zwak en onstandvastig. Zyne zeden volg-
den de beschaafdheid, niet de verbastering zijner eeuw. Zijn
gedrag als hooge Ambtenaar en Bewindsman was eerlijk,
regtvaardig, billijk; maar zijne houding als Staatsman bloote
inschikkelijkheid, niet vrij van alle slaafsche dienstbaarheid
aan den tijd. Zyn gansche leven was een strijd tus-
schen gevoegelijkheid en pligt, waarin de laatste meest
bezweek, maar waarover zich spijt en berouw schier altijd
wreekten. Geen schrander Staatsman genoeg voor zynen
tijd, gelooven wij , dat hij, in een ander tijdperk van
meer inwendige rust en minder uitmuntende mededin-