Boekgegevens
Titel: G.C. Mulder's Oefeningen tot toepassing van het geleerde in de Nederlandsche spraakkunst voor schoolgebruik
Auteur: Mulder, Gerard Christiaan
Uitgave: Arnhem: J. Voltelen, 1863
Nijmegen: H.C.A. Thieme
3e verb dr; 1e dr. 1854
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: Obr. 6700
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_202884
Onderwerp: Taal- en letterkunde naar afzonderlijke talen: Nederlandse taalkunde
Trefwoord: Nederlands, Grammatica's (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   G.C. Mulder's Oefeningen tot toepassing van het geleerde in de Nederlandsche spraakkunst voor schoolgebruik
Vorige scan Volgende scanScanned page
120
dere volksklasse hielt de moedertaal in eeren, en voor die
klasse was Cats de huisvriend. Zijn eenvoudig, ongekunstelt,
vloeijend gemakkelijk gedicht vond onder haar open harten
en ooren. In bijna alle huisgezinnen werden zijne gedichten
gevonden. Vondel en Hooft daarentegen vind men er slegts
bij naam bekend en zijn alleen te vinden in de boekverzame-
lingen der letterkundige.
56.
Hoewel men in de werke van Cats niet dien hogen vlucht,
die door hard en nierren dringende reusetaal aantreft, moet
men egter hem niet beschouwen als iemant, die het aan geest
en kunde ontbreekt. Inteegedeel hij waar een der meest be-
kwaamste en geleertste mannen van zijn tijt, die geduurende
vijftien achtereenvolgende jaaren lang de eerste post in de
Republiek bekleede. Maar zijn inneemende inborst waar zo
zeer met den zorg voor de lering en welzijn zijns natuurge-
noten vervult, dat hij uitsluitent zijn genie inspandde
om lessen van leevenswijsheit in het behaaglijk kleet der
poesie zijn eevennaaste aan te biede, en al heeft men laater
het schijnlijk eentoonige zijns versen wel eens met de naam
van Catsiaanse dreun bestempelt, zo toont tog de popularitijt
dien hij hem verwerfde, dat en stof en vorm ten volsten aan
zijn doel beantwoorde. Daar Cats met veel gemaklijkheid ar-
beide heeft hij een aantal werke naagelaate , onder dewelken
zyn Hoiiwebjck, Trouwring, ouderdom en Buitenleven, Twee
en tachtigjarig leven vooral genoemt te worde verdiene.
Voor wij van de boove al reets met nameopgenoemdeheerlijke
ligten spreeke ,1 die in het begin van dit tijtvak aE^^n noordneder-
lands letterkundige heemel schitterde moet noch gewach wor-
de gemaakt van een tweetal Belgsche digters (hoewel zulks
niet na tijdorde geschiet daar den eerste door ons te noeme
reets in 1599 overleef), welke in het begin van ons onderhavig
tijtperk bloeide en die in die daagen van vervolging en dwinglan-
dei met afwisscheling de lier en 't zwaart handteerde.
57.
De— eerste— en voornaamste— van dezen noemen wij Jan
Baptist llouwaert, een aanklever van Prins van Oranje de-