Boekgegevens
Titel: G.C. Mulder's Oefeningen tot toepassing van het geleerde in de Nederlandsche spraakkunst voor schoolgebruik
Auteur: Mulder, Gerard Christiaan
Uitgave: Arnhem: J. Voltelen, 1863
Nijmegen: H.C.A. Thieme
3e verb dr; 1e dr. 1854
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: Obr. 6700
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_202884
Onderwerp: Taal- en letterkunde naar afzonderlijke talen: Nederlandse taalkunde
Trefwoord: Nederlands, Grammatica's (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   G.C. Mulder's Oefeningen tot toepassing van het geleerde in de Nederlandsche spraakkunst voor schoolgebruik
Vorige scan Volgende scanScanned page
104
drukwerken zich kent verlaaten; en het is niet ongegront dat
men wel eens vermoede , dat d^ drukkers zich in de ogtend-
stond harer kunst, zich meer toegelijd zoude hebben op de
zierlijkheit der uitvoering als op de juistheid der korrectie.
daarby behoord noch in aanmerking te worden genoomen ,
dat de drukkunst ook meer de lust tot schrijven moet opge-
wekt hebben, en zulk dier halven seedert ook niet meeruit-
sluitent van de kundigsten mannen uitging.
Tot de meest oude en goedste drukwerke behoren hel
lioecli des gulden Throens of der vierenliviniich Ouden in 1386
door Otto van Passau uit het Latijn overzet, en in 1480 te
Utreght in 148-4 te Harelem gedrukt; de Epislelen eii Evan-
geliën. Haarl. 1486 ; de Fasciculus Temporum , Utreght 1480 ;
de Kersten spyegel van Dirk van Munster, enz. Alle deze
werken verdienen bezondere vermelding om hare zuiferheid
van taal en hare netheid van stijl. — Als een bezonderheid
voor de geschiedenis van de taal vermelden wij nog de Theu-
lonisla of Duytschlender van Gherard van der Schueren, een
duitsch-lafijns woordeboek, gevolgt van een latijns-duitsch
Supplementum, beiden onder bovengemelde titel in 1477 te
keulen gedrukt.
41.
Onder de meest goede dichters van deze tijd komt een
plaats toe Lambert Goeman te Antwerpen, waarvan wij een
Spiegel der jongens hebben; omtrent 1488 gedrukt. Als een
bleik van de zuyverheid van deszelfs taal neemen wij het vol-
gende over:
O! henielsche Coninc. God Almachlich!
Vadoi-, Sone ende heilige Geesl!
Drie per.soonen oen God waeraclilig.
Verleen ons graüe cn wijsheil nieesl
Hier so te leeven , onbevreesl,
Dat wi, na ons sneven , -
Metier Engli:;len houden feest
Hier hoven , inl eeuwich leven,
Geeraert Roelants van Leuven d— schrijver van een— me-
nigten Vlaamsche gedigten, gestorfen in 1491; Jan van den
Dale, redenrijker, waaraan door den kamer van Rhetorica