Boekgegevens
Titel: Mulder's leesboekjes
Deel: Negende stukje Landhuishoudkunde
Auteur: Mulder, Gerard Christiaan; Brug, S.L.
Uitgave: Nijmegen: H.C.A. Thieme, 1861
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: Obr. 6681
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_202879
Onderwerp: Landbouwwetenschappen: landbouwwetenschappen: algemeen
Trefwoord: Landbouw, Leermiddelen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Mulder's leesboekjes
Vorige scan Volgende scanScanned page
93
Zij zijn evenwel, even als de mollen, onwaardeerbaar
nuttig , omdat zij den grond zuiveren van eene ontzet-
tende menigte kevers, wormen, slekken , larven en allerlei
ongedierte, zonder/ dat zij aan de gewassen eenig na- J
deel toebrengen. Veeleer zijn zij bevorderlijk aan den
groei der planten, door den grond los te maken , en wel
om, maar niet onder de wortels te graven.
't Is dus noodig deze diertjes te kunnen onderscheiden
van de zoo schadelijke veldmuizen, en hun leven te sparen,
opdat zij in rust en ongestoord voortwerken tot ons voor-
deel.
Gemakkelijk kan men de spitsmuizen daarvan onder-
scheiden: want zij hebben dunne, snavelachtige snuit-
jes , lange spitse kopjes, — en hadden zij geenen langen
staart, dan zou men haar voor jonge mollen aanzien, —
ook omdat oogen en ooren klein zijn, en zij eene zwart-
achtige kleur hebben.
In onderscheiden landen vindt men die diertjes, ver-
schillend van grootte. In koude landen heeft men de
kleinste soort, — ook merkwaardig als de kleinste van
alle zoogdieren.
Les 34.
Fretten, marters egels en wezels.
Zeer vele muizen en ratten worden verdelgd door de
fretten, die, ofschoon zij ze^ zeer goed kunnen graven , /
meermalen hun verblijf kiezen in de holen der mollen.
Gelijk zij op het veld de aardmuizen uitroeijen, zoo
verslinden zij aan den waterkant de ratten, en maken
ook daar hunne holen.
Ofschoon voorzien van scherpe klaauwen, en daardoor
bekwaam tot graven , kunnen zij niet gemakkelijk in boo-