Boekgegevens
Titel: Mulder's leesboekjes
Deel: Negende stukje Landhuishoudkunde
Auteur: Mulder, Gerard Christiaan; Brug, S.L.
Uitgave: Nijmegen: H.C.A. Thieme, 1861
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: Obr. 6681
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_202879
Onderwerp: Landbouwwetenschappen: landbouwwetenschappen: algemeen
Trefwoord: Landbouw, Leermiddelen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Mulder's leesboekjes
Vorige scan Volgende scanScanned page
87
Omdat hij zijne eijeren te lang na elkander legt, om
gelijktijdig uitgebroed te worden, en dewijl zijne jongen
die langharige, ruige rupsen niet kunnen verteeren , —
daarom legt hij telkens één ei in de nesten v<an andere
vogelen , laat het door deze uitbroeden, en den jongen
koekkoek door hen opvoeden, totdat die volwassen is ,
en met hem diezelfde soort van rupsen tot voedsel kan
bezigen, en voor ons verslinden.
Les 31.
Spechten , kwartels , patrijzen , enz.
Ofschoon sommige vogels van zaden leven, maakt dit
hun eenigst voedsel niet uit.
Eenigen, zooals onder anderen de musschen , nuttigen
evenzeer insekten, en voeden hunne jongen eerst met het
eene , daarna met het andere.
Leeuwrikken , lijsters en meereis, verdienen geenszins
vervolging : want bij het groote nut, dat zij doen , zijn zij
geheel onschadelijk.
God heeft, om het zoo te noemen, aan eiken vogel den
tijd en de plaats aangewezen, wanneer en waar zij werk-
zaam moeten zijn, om zich zeiven te voeden, het over-
tollige en schadelijke op te ruimen, en het evenwigt in
de natuur te bewaren of te herstellen.
Sommige vogels zoeken hun voedsel in de vlugt, gelijk
de zwaluwen , — anderen gelijk nachtegalen en lijsters
huppelen op de takken der hooge boomen, — nog ande-
ren zoo als de winterkoningjes vinden dat op lagere
struiken , — eenigen op den grond loopende of fladde-
rende , — zoo als de kwikstaart, de graspieper , enz.
weder anderen door tegen boomen , muren enz. te klau-
teren, gelijk de boomkruipers, spechten en torenzwa-
luwen.